Drie boeken

De afgelopen twee weken heb ik zowaar drie boeken uitgelezen. Met dank aan de tijd die ik lezend in de trein kan doorbrengen…

Laat ik beginnen met Lévi Weemoedt. Op de website van DWDD lezen we: “Een literaire popster: dat was Lévi Weemoedt in de jaren ’70 en ’80. Eigenzinnige en ironische schrijfsels, gekenmerkt door een inktzwart wereldbeeld in combinatie met galgenhumor.

Özcan Akyol dacht dat Weemoedt al lang overleden was… Toen hij vaststelde dat dit helemaal niet zo was, stelde hij een bloemlezing samen met gedichten van de schrijver: Pessimisme kun je leren. Het boekje heeft een tijdlang naast mijn bed op het nachtkastje gelegen en het was altijd een feest om het open te slaan en er een paar gedichten uit te lezen. Lévi Weemoedt slaagt erin bij de somberste gedichten een glimlach op je gezicht te toveren…

Liefde is…

Ach! Hoeveel kopjes trok ik van dit zakje thee?
In hoeveel verzen heb ik jouw gezicht bezongen?
Ja, hoeveel maal verdween de zon in zee?
En hoeveel teer bleef achter in mijn longen?

Op hoeveel fietsen reed ik daaglijks naar je toe?
En hoeveel smoesjes zijn er in je opgerezen?

Zó veel, dat thans statistisch is bewezen:
‘De liefde is toch zo een droef gedoe…’

Rijk verleden

Ik was dronken toen ik je ontmoette,
Ik was dronken toen ik je verloor,
Wat kan er nog een hoop gebeuren
Tussen twee dronkenschappen door.

Lodesteijn

Afijn, dit zijn dus enkele voorbeelden uit het rijke oeuvre van deze dichter die ook aardig wat proza op zijn naam heeft staan. Mijn keuze viel op twee romans met in de hoofdrol dhr. Lodesteijn, leraar klassieke talen op een protestants-christelijke VO-school in Vlaardingen. In het eerste boek, dat dateert uit 1986, maken we kennis met Lodesteijn, die bij zijn leerlingen zeker niet onpopulair is maar wordt gehaat door zijn leidinggevenden. De ziekte van Lodesteijn verhaalt over hoe deze sympathieke leraar uiteindelijk ziek thuis komt te zitten en het er zelfs naar uitziet dat hij zijn baan kwijt geraakt. Het vervolg wordt pas uitgegeven in 2021 maar er is langere tijd met tussenpozen aan gewerkt. De coronacrisis gaf Weemoedt het zetje om dit langverwachte vervolg af te maken en te publiceren. In Het nut van Lodesteijn is de leraar inderdaad werkeloos geworden en is hij wanhopig op zoek naar werk en zingeving.

Beide boeken lezen lekker weg. Ik vond het eerste wel ‘lekkerder’ om te lezen, Weemoedt is er behoorlijk in vorm en meermaals heb ik zitten bulderlachen! Die neiging had ik minder tijdens het lezen van Het nut… maar dat neemt niet weg dat zich ook tijdens het lezen van dit boek geregeld een glimlach om mijn lippen krulde.

Pat Barker

Van een heel andere categorie is het boek De stilte van de vrouwen, waarin de schrijfster de val van Troje beschrijft vanuit de beleving van Briseïs.

Briseïs was een Trojaanse weduwe, die door Achilles tijdens de Trojaanse Oorlog als oorlogsbuit was ontvoerd. Zij werd zijn lievelingsslavin en minnares. Nadat Agamemnon zich door een orakelvoorspelling verplicht zag Chryseïs op te geven, eigende hij zich Briseïs toe. De wrok van Achilles die hierop volgde wordt bezongen in de Ilias van Homeros: Achilles trok zich terug uit de oorlog en de Grieken verloren de bovenhand in de strijd. Zelfs nadat Agamemnon Briseïs teruggegeven had (en hierbij niet naliet te vermelden dat hij haar niet aangeraakt had), bleef Achilles koppig volharden. Slechts toen zijn beste vriend Patroclus door Hector gedood werd, liet hij zijn wrok jegens de Grieken varen en ging hij de strijd aan met Hector. (bron: Wikipedia).

Een prachtig boek, meeslepend verteld. Een historische roman, geschreven vanuit een nieuw perspectief.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Mist!

Het is al de hele week grijs – de ene dag eerder nevelig, de andere dag behoorlijk mistig. En af en toe was er opeens een zonnig moment, maar dat viel overdag, in de Domstad, erg tegen… De dagelijkse wandelingen naar mijn kantoor, vanaf het station door het mooie centrum van Utrecht, waren evenwel erg sfeervol…

Vandaag is het weekend. Geheel tegen mijn gewoonte in, heb ik de wekker uitgezet, maar ik ben toch alweer wakker als het buiten nog donker is. Er komt slechts langzaam licht in de lucht en uiteindelijk blijkt dat er opnieuw een dichte mist hangt. Ik houd van mist, ik vind het sfeervol en het maakt dat je wat gedesoriënteerd bent. Natuurlijk omdat je zicht behoorlijk wordt beperkt, maar ook omdat je niet goed meer kunt bepalen waar geluiden vandaan komen. De wereld is écht anders…

Om half tien, na een eenvoudig ontbijt met tea & toast, rijden vrouwlief en ik naar de duinen. We kiezen voor de Westert bij Egmond Binnen. Op de paden daar mogen geen mountainbikers rijden – dat wandelt wel zo relaxt! Op de parkeerplaats is het druk maar van die drukte merken we in het duingebied weinig. Af en toe komen we wandelaars tegen en twee- of drietallen hardlopers. De meesten zeggen vriendelijk goeiedag en houden voldoende afstand… Tja, we leven nog steeds in tijden van corona hé, en dan hoort afstand houden er wel gewoon bij.

Als we van de Hogeweg afdalen, komen we bij het duinmeertje dat is gelegen tussen de Vlewoscheweg en de Lageweg, die beide van Egmond aan Zee komen aanslingeren en mekaar iets verderop kruisen. Bij die kruising gaan wij linksaf, de Lageweg volgend tot bij het bos.

In het bos lijkt het alsof het regent… De mist zet druppels af aan de takken, twijgjes en dennennaalden en als die druppels groot genoeg zijn, laten ze los en storten ze loodrecht ten gronde… Het ruikt hier lekker en de bodem voelt zacht en verend aan… Even verderop, als we het bos uit zijn, lopen we een stukje over het fietspad (de Middenweg) tot voorbij een veerooster. Er liggen daar op de plaats waar lang geleden een parkeerterrein was, twee kleine duinmeertjes die nu, door de overvloedige herfst- en winterneerslag, een groot meer vormen. De banken en picknicktafels staan bijna met hun voeten in het water en het pad dat aan de noordzijde langs de meertje loopt, is helemaal ondergelopen.

Het pad kruist een houtwal. We komen in het gebied met de oude akkertjes. Hier leven weer konijnen. De boswachter die we laatst spraken, vertelde ons dat dit een van de weinige kolonies is waar de konijnen al resistent zijn tegen de virusvariant die de konijnenstand in de duinen bijna tot nul heeft teruggebracht. Hij hoopt dat deze diertjes, die van wezenlijk belang zijn voor de kwaliteit en de biodiversiteit van het duingebied, van hieruit de duinen weer gaan heroveren…

Net voordat we het parkeerterrein bereiken, komen we nog langs een stelletje Schotse hooglanders… We maken een bochtje… ze zien er vervaarlijk uit met hun indrukwekkende horens!

Geplaatst in Duinen, Wandelen | Een reactie plaatsen

Sunday afternoon

Eigenlijk gaan we veel te laat op pad… Half twee van huis gaan op zondagmiddag, en dat in tijden van een lockdown, is vragen om tevergeefs een parkeerplekje zoeken. Bij Diederik loopt het parkeerterrein inderdaad al over, maar bij Bakkum Noord, Noorderstraat vinden we nog een plekje. Dat we niet alleen zijn in de duinen, blijkt al gauw: het lijkt hier wel de Kalverstraat! Omdat we in het geheel niet van drukte houden, gaan we op zoek naar alternatieve paden, paden die geen onderdeel zijn van uitgezette routes. Dat helpt. En ook: hoe verder we het duin in lopen, hoe rustiger het wordt. Op het kaartje zie je de wandeling die we hebben gemaakt… 9,6 kilometer.

Hoewel er aardig wat blauw is te zien, overheersen de wolken… Toch komt de zon vaak genoeg te voorschijn om een fotoreeks te maken die de indruk wekt dat we een zonovergoten middag hebben gehad. Die impressie laten we graag bestaan…

Vanaf de parkeerplaats lopen we de Kronkel in, dan volgen we een stukje fietspad en gaan de Kroft op, een zandpad dat, als je het helemaal uitloopt, bij het Meertje van Vogelenzang (Bakkum Noord) eindigt. Dit meertje speelt een lugubere hoofdrol in het fantastische boek De Rode Zwaan van Sjoerd Kuyper. Zover volgen wij de Kroft echter niet, we gaan rechtsaf en lopen naar de Staringweg, een fietspad. We nemen het pad aan de noordkant van het Weitje van Brasser. Veel ‘weitje’ is dat niet, het is vooral water… We steken ten westen van de Van Oldenborghweg door naar het Doornvlak en vandaar lopen we over de Scheiweg naar de stille strandopgang met dezelfde naam.

Vanaf het fietspad naar de strandopgang is voor ons nieuw, nauwkeuriger geformuleerd: ik kan me niet herinneren hier al eerder te hebben gelopen. Het pad loopt slingerend door open duin en eindigt met een flinke klim tegen een duin aan, bovenop de zeereep.

We dalen niet helemaal af tot op het strand, teveel geploeter door mul zand! We keren terug op onze schreden en gaan naar rechts, de Vlewosche Weg op (die van Egmond aan Zee naar Castricum aan Zee loopt – en misschien nog wel verder naar het zuiden). Hier is het vrij rustig, we komen slechts af en toe andere wandelaars tegen. En… een boswachter, die zowaar naar onze toegangsbewijzen vraagt! Geen probleem, die hebben we (altijd) bij ons. We arriveren bij de volgende, meer zuidelijk gelegen strandopgang: Castricum Noord.

Hier doen we hetzelfde: we lopen omhoog tot we de zee zien, maar afdalen naar het strand laten we voor een andere keer… We lopen terug in oostelijke richting, landinwaarts. Kruisen de Van Oldenborghweg opnieuw. Er staat een kudde schapen te grazen – altijd leuk!

Langs de zuidzijde van het Weitje van Brasser lopen we naar een uithoek van Camping Bakkum, en dan voorts door het bos terug naar de parkeerplaats… De zon is net onder als we de auto bereiken. Bij huize Zeeveld brandt de kerstverlichting… De hemel is helder blauw maar in het bos valt de duisternis.

Geplaatst in Duinen, Wandelen | 1 reactie

Groet

Tot het jaar 2000 bezaten wij geen auto en alle uitjes en vakanties deden we met het openbaar vervoer, op een enkele keer na: dan huurden we een autootje… De snelste route naar de duinen was de bus naar Petten, vanaf de halte Koedijker Vlotbrug, waar we vanaf ons huis in een kwartiertje heen liepen. Meestal stapten we uit de bus in Catrijp of Groet, wandelden naar Camperduin en namen daar de bus terug, al dan niet na een natje (en soms een droogje) bij strandpaviljoen Minkema.

Toen we eenmaal in het bezit waren van een auto, vond ik de duinen steeds minder interessant en kwamen we er op den duur nog maar zelden; nieuwe bestemmingen genoten mijn voorkeur. Mijn ziekteperiode, werkeloos worden én corona maken dat we weer veel meer in de duinen komen – en we kiezen dan meestal voor de duinen tussen Bergen en Castricum.

I.v.m. de aangekondigde regen, willen we vandaag vroeg op pad en omdat we echt schijtziek worden van de rondracende groepen mountainbikers op de wandelpaden in het PWN-gebied, richt ik de neus van onze blauwe bolide naar Groet, alwaar we het laatste plekje inpikken op de kleine parkeerplaats onder het kleine klimduin. We lopen omhoog; het pad blijkt tegenwoordig semi-verhard te zijn, met betonnen tegels-met-gaten. We kiezen al gauw voor een zandpad naar rechts en volgen vanaf hier de rode pijltjes van een wandelroute van het Noord-Hollands Wandelknooppuntennetwerk die ons naar het grote parkeerterrein van Hargen aan Zee voeren.

De route volgt paden en paadjes die ik niet ken, dwars door gebied waar je vroeger volgens mij niet eens mócht lopen! Af en toe is het echt ploeteren door het mulle zand. Gelukkig heeft het de afgelopen dagen flink geregend en is het zand relatief hard. Op een zomerse dag zal je mij hier waarschijnlijk niet gauw door droogmul zand zien banjeren… daar krijg je teveel spierpijn, lekkende oksels én dorst van!

Bij Hargen aan Zee lopen we het strand op. Er staat een gure zuidwestenwind en af en toe spettert het wat. Gelukkig hebben we de wind in de rug. Ik zet een muts op mijn hoofd en doe mijn capuchon omhoog – zo houd ik het hoofd warm! Ondanks de kou lopen er toch wat mensen op het strand en er zijn zelfs een paar dappere vliegeraars in de weer!

Bij strandpaviljoen Luctor et Emergo verlaten we het strand. Op de duintop staat een schitterend beeld gemaakt door de Alkmaarse kunstenaar John Bier: De strandvlonder – Een leven lang tussen eb en vloed. Vroeger stond dit beeld bij wat nu paviljoen Struin heet, en vroeger bekend stond als Minkema. Toen vormde de Hondsbossche Zeewering, geplaveid met plakken basalt, de grens tussen de zee en het land… In het kader van de zeespiegelstijging ligt deze oude zeewering nu verstopt achter wat de Hondsbossche Duinen is genoemd: miljoenen kubieke meters zand zijn hier opgespoten tussen 2013 en 2015. Struin, voorheen dus Minkema, staat nu niet meer dicht bij de zee, waar het meermaals door stormen en branden werd verwoest – en altijd weer herrees.

We besluiten om de horeca te steunen in tijden van een lockdown…: bij Struin kopen we een broodje kroket. Lekker om even uit de wind te staan. De kroket is prima te kanen! Van over zee komt nu een groot regengebied aandrijven, we zetten er stevig de pas in. We volgen het Camperpad dat min of meer parallel met de duinrand landinwaarts loopt, naar Groet. In een boom zien we een roofvogel zitten. Ik denk dat het een sperwer is maar het zou ook een havik kunnen zijn… Er zitten teveel takken in de weg om de vogel echt goed te zien – laat staan er een scherpe foto van maken. Vrouwlief waagt dapper een paar pogingen, ik begin er zelfs niet aan. Even verderop lopen we boven het Hargergat, een duinrel. Je ziet, naast een huis, het water met flinke vaart uit het duin stromen!

De capuchon gaat weer op, want het begint nu gezapig te regen. Gelukkig beschutten de duinen ons tegen de wind. Het getik van de regen op de dode blaadjes aan de bomen en op de grond, is een heerlijk rustgevend geluid! We komen langs het witte kerkje van Groet: ik vind het een pareltje. Bij de kerk staat een leuk beeldje van drie meisjes: De wasvrouwen. Op het gras bij de kerk werd vroeger de was te bleken gelegd…

Het middaguur heeft reeds geslagen. We rijden naar huis. Lunchen hoeft niet meer, maar een grote mok Engelse thee lust ik wel!

Geplaatst in Duinen, Persoonlijk, Wandelen | 1 reactie

Donderdag

Klopt, het is vandaag donderdag. Heeft niets met donder te maken noch met bliksem. Gewoon, het is vandaag donderdag. Na de start in de nieuwe job, een héél warm welkom aldaar en de kennismaking met een heleboel nieuwe dingen en een aantal aardige collega’s (de meesten werken voorlopig thuis…), is het heerlijk om een dagje alle indrukken los te laten en weer eens mijn eigen gang te gaan… Morgen voor de derde en laatste keer deze week naar Utrecht, vandaag naar Bergen!

De ochtend is prachtig maar helaas zijn er verplichtingen waardoor we er niet op uit kunnen trekken. Na de middag drijven er buien over en daarna komt de zon er toch nog af en toe door. Het laatste anderhalf uur voor zonsondergang lopen we nog een stukje in de duinen bij de Franschman. Heerlijk. Het is koud maar al het moois dat we zien, vervult ons met wintergloed…

Hieronder enkele foto’s. As simple as that. De zon staat al vrij laag boven de kim dus een groot deel van het landschap ligt in de schaduw. Maar waar ’s zons stralen nog doordringen, is het licht zacht en warm.

Om 16.44 uur gaat de zon onder. Dat is ruim een kwartier later dan pak ‘m beet twee weken geleden. Zeker op een heldere dag als vandaag blijft het dus alweer ‘vrij lang’ licht! Dat geeft de burger moed. Op werkdagen zit ik al om zeven uur in de trein en ben ik pas weer thuis om zeven uur ’s avonds: het woon-werkverkeer verloopt vooralsnog in de duisternis.

Maar de dagen lengen! Over twee, drie weken zien we mogelijk al de eerste sneeuwklokjes verschijnen. Hoewel de winter de komende weken nog flink kan (en mag!) uitpakken, is de lente onherroepelijk in aantocht. De donkerste dagen van het jaar hebben we achter ons gelaten.

Geplaatst in Duinen, Persoonlijk, Wandelen | 2 reacties

Drieboomkensberg

Het is zondag 2 januari, en al vroeg zitten vrouwlief en ik in de auto, op weg naar de stad waar ik ben geboren en getogen: Antwerpen… In eerste instantie maken de ruitenwissers overuren, maar naarmate we zuidelijker komen, droogt het op en zien we zelfs blauw aan het uitspansel verschijnen…

Punt 1 op het programma is een bezoek aan mijn oude moeder, natuurlijk om haar een Gelukkig Nieuwjaar te wensen maar ook om haar alvast te feliciteren met haar 91ste jaardag aanstaande dinsdag! We richten een feestelijke lunch aan…

Punt 2 op het programma is een bezoek aan onze lieve zoon en onze heerlijke kleindochter; helaas moet schoondochterlief vandaag werken… Het gezin woont in een mooi huisje op de voormalige Vraagheide in een uithoek van de gemeente Schilde. Al gauw staan we in de startblokken voor een frisse boswandeling. Voor de kleine Jona staan op het programma: de pony’s, de paardjes en de koeien… Helaas staan de pony’s binnen. De paarden zijn net gevoerd en hebben alleen aandacht voor hun ruif. De koeien staan óók in hun stal… Gelukkig kun je ook bomen aaien.

We nemen het paadje naast hun huis en volgen de onverharde Kleine Vraagstraat richting de grote weg: de Abdijlaan, genoemd naar de Abdij Onze Lieve Vrouw van Nazareth (Brecht) die even verderop ligt en gelieerd is aan de trappistenabdij van Westmalle. In hun (web)shop verkopen ze verzorgingsproducten onder de handelsnaam Trapp.: onder andere zepen en shampoos waarin bier van Westmalle is verwerkt. (Ik vind dat ergens wel zonde…)

Aan de overkant van de Abdijlaan komen we langs ‘de paardjes’ maar zoals reeds aangestipt, roepen we de beestjes tevergeefs… Even verderop gaan we rechts het bos in: het is een typisch Kempens mastbos, een aanplant van dennen op schrale zandgrond, oude landduinen. Al gauw komen we langs een mooi en indrukwekkend kruisbeeld, in 1948 geplaatst aan de voet van een heuvel en een geschenk van de toenmalige burgemeester van Oostmalle, Graaf Thierry de Renesse. Toen waren burgemeesters nog van adel… de goede oude tijd. Kom nu maar eens om een politicus die zo’n kruisbeeld aan de gemeenschap schenkt! Moderne burgemeesters laten nieuwe woonwijken na, en drukke ringwegen, industrieterreinen en andere nuttige infrastructuurwerken!

De betreffende heuvel is niets meer en niets minder dan de Drieboomkensberg… een duin dat een paar meter hoger is dan het omliggende landschap. Dit is – jawel, we zijn in Vlaanderen! – een bekend bedevaartsoord.

Op 14 juni 1746, tijdens de Successieoorlog, vond hier een veldslag plaats tussen Engelse, Oostenrijkse en Hollandse legers enerzijds en de Fransen anderzijds. Een zwaargewonde en door wondkoorts bevangen Engelse officier, Crombell genaamd, beloofde hier een kapel te laten bouwen indien hij genas. Een wonder geschiedde, de goede man bracht het er levend van af en rond 1750 richtte hij ter plekke een stenen kapel op. De kapel, die boven op een zandheuvel stond, was van verre te zien en werd een centrum van een steeds groeiende devotie. Zieken en troostzoekenden vonden hun weg naar de Drieboomkensberg en de kapel van Onze-Lieve-Vrouw-ter-Koorts. Zij smeekten om genezing, verlichting en troost. In de nacht van 9 november 1800 werd de kapel door een zware storm volledig verwoest. Ze werd niet herbouwd… Bij opgravingen is de oude kapelvloer teruggevonden alsook scherven van kapotte Mariabeelden… Het beeld dat er nu staat, is het vijfde op rij. Nummer vier zou in de jaren ’60 van de vorige eeuw door vandalisme zijn gesneuveld. Nummer vijf werd op een hoge sokkel gezet en er kwam een hekwerk omheen.

De plek wordt onderhouden door een groep vrijwilligers onder leiding van een gepensioneerde man die werkzaam was in de brouwerij van de Abdij van Westmalle. Toevallig is hij net ter plekke en hij vertelt gaarne over de geschiedenis van deze plek. Zijn versie wijkt overigens wel af van de officiële… Volgens hem gaat het om een Franse soldaat en een een veldslag in de 16de eeuw… Uiteraard probeer ik het gesprek om te buigen in de richting van ’s mans arbeid in de brouwerij, maar hierover is hij minder geneigd te vertellen… Hij wil wel kwijt dat de paters zelf van oudsher een lichter bier dronken, dat Extra werd genoemd. Dát bier is sinds kort alsnog succesvol in de handel gebracht. Je kunt het verkrijgen bij lokale cafés en drankhallen, en in de winkel van de abdij die elke vrijdagochtend is geopend voor de gewone mens zoals ik… Afijn, het wordt me duidelijk dat een volgend bezoek aan onze zoon gepaard zal gaan met een wandeling naar de abdij(winkel). Maar dan moeten we dus wel op een vrijdagochtend komen…

Over kronkelende paden die her en der slijkerig zijn, duwt zoonlief dapper en onvermoeibaar de buggy voort. We komen bij een uitgedund bos en een open plek: het Zandven. Hier wordt oude natuur hersteld en grazen normaliter de koeien waarvoor we zijn gekomen. De beesten (van het ras brandrood) houden zich echter schuil in de kleine stal aan de rand van het weiland… Arme Jona!

Volgens zoonlief komen we zo meteen langs een plek waar onlangs een ernstig ongeval heeft plaatsgevonden. Ik vind het vreemd dat we naar zo’n plek geleid worden want ramptoerisme zit niet in de genen van onze familie… Maar inderdaad, aangekomen op de plaats des onheils blijkt hier een heks onder invloed van alcohol pardoes tegen een boom te zijn aangevlogen! Dat moet pijn gedaan hebben… Gelukkig lijkt de boom (een beuk) de klap goed te hebben doorstaan. In de heks zit helaas niet veel leven meer.

We lopen verder. Gauw wordt duidelijk dat we ons op een griezelparcours bevinden! In heel Vlaanderen zijn 100 van dergelijke griezeltochten uitgezet door KWB Eensgezind. Ik kom er niet meteen achter waar de letters KWB voor staan, maar vermits we in Vlaanderen zijn, schat ik in dat ik er niet naast zit als ik stel dat het hier gaat om de Katholieke Wandelbond. Er lopen trouwens aardig wat gezinnen door het donker wordende bos die af en toe hun smartphone in de hand nemen om te luisteren naar griezelverhalen, verteld door ene Dimitri Leue. 

Wij lopen griezelend een stukje over het griezelparcours en steken dan weer de Abdijlaan over, die hier trouwens Waterstraat heet omdat we een gemeentegrens zijn gepasseerd… Het is kwart voor vijf als we weer op de Vraagheide zijn. Binnen brandt de kachel. We zetten thee en we snijden de buche de noël aan die vrouwlief en ik vanmorgen bij de bakker op ’t Sint-Anneke kochten… We eten de buche zonder schroom helemaal op!

Rond half zeven nemen we afscheid van elkaar. Wij tanken nog goedkope Belgische benzine en rijden dan noordwaarts, de regen in…

Geplaatst in Persoonlijk, Wandelen | Een reactie plaatsen

Jaar uit, jaar in!

Op de laatste dag van 2021 komt, zoals gehoopt, de zon er nog door. We rijden naar Egmond aan Zee en parkeren aan de zuidkant van het dorp, bij een klaphekje aan het begin van een duinpad. Er staat een strakke west-zuidwestenwind, dus ik rits maar meteen mijn jas dicht! De zon heeft het grootste deel van haar hemelboog al beschreven, over een uur zakt ze in zee. Morgen komt ze op in een nieuw jaar…

We zijn niet de enige wandelaars en dat is begrijpelijk: december eindigde vooral in sombere grijstinten en dan is een mens blij als de zon er nog even doorkomt! Vrouwlief en ik genieten… Door de lage stand van de zon strijkt het licht mooi over het duinlandschap…

Waar de Vlewosche Weg de Middenweg kruist, gaan we rechtsaf, naar het strand. Het is daar een vrij steile klim tegen het duin op – en een lange afdaling naar de zee. In de zomer ligt er een prachtige ‘trap’ maar die wordt buiten het seizoen weggehaald en ergens veilig opgeborgen. Wij baggeren dus omhoog en weer omlaag door het mulle zand.

Vanuit het westen nadert een dun wolkenveld waarachter de zon deels verdwijnt… Het licht wordt zacht. Behalve veel mensen, velen vergezeld van hun viervoetige huisgenoten, rennen er hier en daar eenzame strandlopertjes op en neer, met de branding mee. Wat een leuke vogeltjes zijn dat toch. Meestal zie je ze in groepjes, maar vandaag merken we enkel een paar individuele vogels op.

De wandelaars op het strand blijven in groepjes stilstaan… Ze staan stil bij het einde van het jaar, voor de laatste keer in 2021 zakt de zon in al haar glorie achter de horizon weg… Wij blijven ook staan en kijken toe hoe de zon langzaam maar zeker verdwijnt. Als we terugrijden naar Alkmaar, valt de duisternis in en zien we boven de stad her en der siervuurwerk uiteenspat. De Oudejaarsnacht is begonnen!

We worden wakker in een nieuw jaar. Het is wat je als mens met zo’n gedachte doet, want in feite is het een dag als alle andere… Gisteren was het gisteren, vandaag is het vandaag, morgen is het morgen. We ontbijten met olijfbrood en croissantjes en rijden naar Egmond Binnen, parkeren bij de Westert. Dit is bekend terrein, hier komen we vaak en graag. De parkeerplaats is voor ongeveer een derde gevuld.

Aanvankelijk is er nog wat blauw aan de lucht en schijnt de zon. De wolken kleuren in pasteltinten en het licht is zacht. Gaandeweg nemen de wolken toe en wordt de lucht grijzer en grijzer… We hebben er zin in.

Je moet altijd een stukje over het fietspad lopen om bij het begin van de Hogeweg te komen. Hoe vaak hebben we hier al niet gelopen. Ik weet niet waar we gewoonlijk naar kijken, maar vandaag valt mijn blik op een wel bijzonder gevormd dennenboompje dat ik nog nooit eerder heb opgemerkt… Het symboliseert misschien wel de tijd waarin we leven: soms gaan de dingen anders dan anders en moet je je in allerlei bochten wringen om te overleven, maar uiteindelijk komt het goed en kun je weer verder groeien. Petje af voor dit boompje!

Net voor we de Hogeweg inslaan, zien we links een afgezaagde boomstronk met daarop een grote, witte zwam. Wat we ook proberen, ObsIdentify (app op onze telefoons waarmee je planten, insecten, paddenstoelen enz. kunt determineren) herkent de zwam niet…

Vrouwlief geeft de moed eerder op dan ik en loopt de Hogeweg in. Een grote stier die uit de bosjes het fietspad op was gelopen, vindt het daar te druk en gaat prompt achter mijn eega aan… Zo komt het dat vrouwlief en ik een tijdje gescheiden lopen, tot meneer Stier zo attent is om het pad te verlaten.

We lopen hand in hand verder en komen bij een duinmeertje. Er grondelt een koppel zwanen, er zwemt een dozijn meerkoetjes rond en tegen de oevers aan heeft zich een forse groep gakkende ganzen verzameld. Zo druk is het hier zelden!

De zon gaat nu definitief schuil achter een dunne grijze sluier… ze priemt er nog wel doorheen. Op een gegeven moment merken we bijzondere wolken op: lange, ijle slierten. Dat hebben we nog nooit gezien…

De parkeerplaats is bijna helemaal vol! Wij rijden weer naar huis. Bij de afslag naar Egmond aan Zee staan lange rijen auto’s aan te schuiven. Vrouwlief schuift liever de croissantjes, gevuld met een heerlijk zalmmengsel en cheddarkaas, de oven in. Ik zorg voor een glühwijntje. En we proosten nog maar eens op een mooi 2022.

Geplaatst in Duinen, Wandelen | 3 reacties

Jaarwisseling

2021

Het is de laatste dag van 2021 en zoals zovele dagen in de laatste maand van het jaar, is het een vrij grijze dag en regent het af en toe… We hopen dat het straks een beetje opklaart want we willen voor het donker wordt en Oudejaarsavond aanbreekt, nog een frisse neus halen, en dat doen we graag als het droog is.

Wat voor jaar was 2021? In elk geval géén jaar als vele andere…

Op persoonlijk vlak zette ik, in goed overleg met mijn leidinggevende, na exact 16 jaar een punt achter mijn carrière als schoolleider in het primair onderwijs. Er kwam ruimte om te bekomen en (letterlijk) te herstellen van een paar slopende jaren. Ik wilde vooruitkijken: wat wilde ik nog? En om dat te kunnen, moest ik ook terugblikken. Ik kwam al vrij gauw tot de slotsom dat ik mijn laatste werkzame jaren graag iets anders wilde doen. Het wordt… een kantoorbaan, in de periferie van het onderwijs. Misschien geen schokkende keuze (of juist wel!?) maar ik vind het helemaal goed. Ik heb trouwens op vele andere, erg leuke banen gesolliciteerd, maar als 64-jarige is de kans quasi nihil dat men je een kans geeft om aan iets nieuws te beginnen. Als 64-jarige behoor je tot het ‘onbenutte arbeidspotentieel’, hoorde ik in Scheefgroei, het onvolprezen programma dat deze dagen wordt uitgezonden door BNNVARA.

Ik heb in 2021 mogen genieten van veel vrijetijd wat zich o.a. vertaalde in heel veel wandelen, heel veel nieuwe foto’s op mijn PC, veel stukjes op mijn weblog, veel boeken lezen en naar muziek luisteren, veel tijd doorbrengen met mijn eega en samen leuke dingen doen (we noemen het: ‘alvast voorproeven aan de tijd dat we allebei écht met pensioen zijn’, en dat proefde goed…).

2021 was opnieuw een corona-jaar. Nu ik er vanuit mijn werk nog maar weinig mee van doen had, had ik er bijna geen last van. Okay… soms moest een avondje in de kroeg wijken; mondkapjes zijn niet mijn favoriete kledingattribuut; me laten vaccineren doe ik liever niet; het is het tweede jaar op rij dat we niet naar onze favoriete vakantielanden Groot-Brittannië & Ierland en konden (en Frankrijk was een prima alternatief); enz. Maar die kleine ongemakken staan in geen verhouding tot de maatschappelijke ontwrichting die ik om mij heen bespeur, nog wat aangewakkerd door een demissionaire regering die vasthoudt aan een neoliberaal gedachtegoed en die politiek gewin (of het beperken van politiek verlies) belangrijker lijkt te vinden dan goed regeren met respect voor de mens, de samenleving en de Aarde.

Het meest zorgwekkende vind ik de onvrede in brede lagen van de bevolking, en de voedingsbodem die zo wordt gevormd voor partijen als FvD, PVV, BBB en dergelijke. Onze nieuwe regering staat voor een enorme uitdaging…

Ik hoop uit de grond van mijn hart dat het nieuwe jaar een kentering laat zien, een breuk met jarenlang afbraakbeleid op basis van een neoliberaal wereldbeeld waarin economische groei tot belangrijkste waarde is verheven. Hoop doet leven – en laten we deze nieuwe regeringsploeg de kans geven om te laten zien dat er een andere wind waait in Den Haag (en in de rest van de wereld).

Ik hoop dat mijn nieuwe baan me brengt wat ik ervan verwacht. A.s. dinsdag spoor ik voor het eerst in alle vroegte naar het kantoor in Utrecht. Ik ben benieuwd!

Wat voor jaar wordt 2022?
Geen idee.
Ik hoop er het beste van.
Laten we er samen iets moois van maken…

Geplaatst in Mijmeringen | 3 reacties

Berijpte duinen

Eerder deze week hadden we een paar koude nachten en werden we wakker in een betoverend mooie, witte wereld… Woensdagochtend maakten we een korte wandeling door de duinen bij Egmond Binnen. Daar ligt toch een van onze favoriete stukjes Noord-Hollands Duinreservaat. Reservaat: wat een lelijk woord, valt me opeens op. Maar ja, zo heet het duingebied tussen Wijk aan Zee en Bergen aan Zee officieel.

We parkeren bij de Westert. Er staan niet veel auto’s, dat hadden we niet verwacht! Ook in de duinen is het stil, we komen maar af en toe mensen tegen… Het is haast windstil en dat maakt de kou zeer goed te verdragen. Ik ben al tijden verkouden, maar een mens kan niet altijd binnen zitten. Een wandeling in de prikkelende winterlucht doet deugd!

Hieronder een indruk-in-beelden van onze wandeling…

Lopen in zo’n wit, verstild landschap is heerlijk. Je kunt ook inzoomen… en dan zie je weer heel andere dingen. Hier word ik zo blij van!

Geplaatst in Duinen, Natuur, Wandelen | Een reactie plaatsen

Nevel en zonneschijn

Het is zaterdagochtend. De dag kent een nevelige start maar er is ook veel blauw te zien. Na het ontbijt besluit ik weer eens een wandeling te maken bij de Kleimeer. Dat is verdorie lang geleden, als ik mijn administratie mag geloven van 7 november! Ik parkeer de auto aan het eind van het Vlasgat, en er schuift een groot wolkenveld voor de zon. Dat is niet erg, het licht blijft mooi en de lucht kleurt in zachte pasteltinten. Over de Kleimeer hangt een deken van nevel…

Ondanks de vele regen van de afgelopen weken, is het pad langs de Kleimeer bijna overal goed te belopen. Bijna overal…

Ik glibber langs deze plek – vroeger stond hier een klaphek en kon je al helemaal niet uitwijken. Ik stel vast dat er vanaf waar deze foto is genomen, een nieuw paadje vertrekt dat naar het ruiterpad voert. Niet iedereen is gecharmeerd van een balanceeroefening in de Noord-Hollandse modder! Ook na deze modderige passage blijft het uitkijken, het paadje ligt schuin en is glibberig tot bij ‘de hoek’.

De natuur is in een soort kerststemming. Overal schitteren regendruppels in het licht van de zon, die stilaan weer tevoorschijn begint te komen.

Ik steek door naar de Zuiderdel, het grote meer dat is ontstaan door zandwinning voor het droogmaken en ophogen van de voormalige polder Daalmeer, waar Alkmaar Noord is gebouwd. De Zuiderdel wordt gevoed door natuurlijke bronnen en ook wel door wat regenwater. De plas is meer dan 30 meter diep! Op het schelpenpad langs het water is het wat drukker, ik kom vooral mensen met honden en hardlopers tegen. Ik heb het niet zo begrepen op honden, zeker niet als ze loslopen, dus al gauw laat ik de Zuiderdel voor wat ze is en beklim ik de uitkijkheuvel.

Van hierboven kun je de hele Kleimeer overzien. Daarachter staan de huizen en boerderijen van Koedijk en aan de horizon tekenen de duinen zich af…

Langs de minst steile kant glibber ik naar beneden. Zonder te vallen bereik ik het hoofdpad. Met de Kleimeer nu aan mijn linkerzijde, loop ik terug richting de auto… Boven mij is de lucht nu helemaal wolkeloos, maar vanuit het westen naderen nieuwe wolkenvelden. Ik geniet van de frisse lucht en de kleuren, die her en der nog herfstig aandoen…

Van de andere kant komt een wandelaar aangelopen, vergezeld van twee loslopende honden. En zoals gevreesd rent een van die beesten op me af en begint te blaffen en om mij heen te springen. Ik kan het niet laten, ik spreek de man erop aan: hij moet zijn dieren leren om andere mensen met rust te laten, niet iedereen is gediend van honden! Zo staat het trouwens ook in het reglement van het Recreatiegebied Geestmerambacht: “Uiteraard gaan we ervan uit dat je hond goed luistert en geen overlast zal veroorzaken”. Natuurlijk haalt de man zijn schouders op, het interesseert hem geen bal wat ik ervan vind. Jammer is dat, dat een aantal hondenbezitters zich zo opstelt… deze mensen verknallen het voor de andere (de meeste) kynologen die zich wél aan de regels houden en ervoor zorgen dat hun dier andere wandelaars en fietsers niet lastig valt.

Mijn woede ebt gauw weg… deze ochtend is te mooi om ‘m te laten verknallen door een man-met-hond met een gebrek aan empathie! Ik wandel verder. Lang zal de zon niet meer schijnen, de bewolking komt met een behoorlijke vaart aanzetten vanuit het noordwesten.

Geplaatst in Kleimeer | Een reactie plaatsen