Voorlinden, de rest

In een eerdere weblog schreef ik over de tentoonstelling met werk van Picasso en Giacometti die we bezochten in Museum Voorlinden, op zaterdag 12 februari. Na een uurtje was ik daar wel uitgekeken en vrouwlief volgde een weinig later. Ik had op andere weblogs al gezien dat er in dit museum een hoop leuke dingen te zien zijn – en daar verheugde ik me op. Ik kan je vertellen: het viel niet tegen!

We liepen de tentoonstelling Picasso-Giacometti uit en kwamen terecht in een grote, lichte zaal met aan de muur een enorm schilderij van bloesems, dat meteen een lentegevoel opriep en een werk van Damien Hirst bleek te zijn: Hidden secret blossom (2019). Verder stond er in de ruimte een rij stoelen opgesteld in een halve ovaal: daar hoort een bijzonder verhaal bij dat ik overneem uit de folder die elke bezoeker ontvangt bij een bezoek aan het museum.

Deze 23 stoelen maken onderdeel uit van Fairytale – 1001 Chairs, bestaande uit 1001 stoelen afkomstig uit de Qing-dynastie (1644-1911). Ai Weiwei maakte dit werk in 2007 voor Documenta, een vijfjaarlijkse kunstmanifestate in Kassel, Duitsland. Via zijn blog nodigde hij1001 Chinese burgers uit om twintig dagen naar Kassel te komen. Hij zocht een dwarsdoorsnede van de bevolking. De meeste burgers hadden hun gemeenschap nog nooit verlaten, laat staan dat zij durfden te dromen van een reis naar het buitenland. Voor Weiwei zijn persoonlijke ervaringen het fundament voor maatschappelijke verandering. Voor iedere reiziger stond één antieke stoel opgesteld. Na de Documenta gingen de deelnemers net als de stoelen weer hun eigen weg. Zo zijn een deel van de stoelen in de collectie van Museum Voorlinden terechtgekomen. De persoonlijke ervaring en verbeelding van iedere Chinese deelnemer was voor Weiwei het belangrijkste facet van Fairyfale.

De volgende highlight was het kunstwerk Swimming Pool (2016) van de Argentijnse kunstenaar Leandro Erlich. Het idee is gewoon even simpel als geniaal: bouw een kelder en verf die blauw. Leg een glazen dak op de kelder en leg daar een laagje water op (10 cm of zo?). Bezoekers kunnen de kelder inlopen en zo van ‘onder water’ naar boven kijken. Wie boven staat en het water in tuurt, ziet daaronder mensen in het water lopen! De ervaring van daaronder te staan was grandioos!

Eén zaal verder zat een koppel onder de parasol… Een werk van Ron Mueck, met de naam Couple under an Umbrella (2013). Mueck maakt hyperrealistische mensfiguren die hij tot in de kleinste details uitwerkt. Op de foto’s is niet goed te zien hoe groot de figuren zijn maar ik schat 2,5 à 3 keer zo groot als een mens. Het beeld is gemaakt van siliconen en fiberglas.

Weer een zaal verder stond een enorm stalen sculptuur: Open Ended (2007-2008) gemaakt door Richard Serra. Zes gewelfde platen vormen samen een doolhof. Het is echt een bijzondere ervaring om het doolhof in te gaan.

Enorm grappig waren de liftdeuren in een plint: ze zijn levensecht maar klein, ik schat zo’n 20-25 cm hoog… Op een foto is het moeilijk te zien, want je ziet het effect niet zo goed… De deuren schuiven af en toe open en dicht en de lift trekt doorlopend aandacht van bezoekers – ook van de allerjongsten!

Drie kleinere zalen, die in mekaars verlengde liggen, boden ruimte voor de expositie Eén en Eén is Drie, die gaat over de kracht van de som der delen. Op één na komen al deze werken uit de collectie van het museum. Ik licht er twee uit die ik mooi en bijzonder vond.

Het eerste werk is van Anouk Kruithof, is gemaakt van boeken die ze her en der gevonden heeft (ik vermoed dat ze aardig wat antiquariaten en kringloopwinkels heeft afgedweild) en waarmee ze Enclosed content chatting away in the colour invisibility (2009) heeft ‘gecomponeerd’.

Waar ik uren naar had kunnen blijven kijken, was Olafur Eliassons Retinal flare space (2018). Drie transparante schijven hangen achter mekaar en draaien langzaam rond in de ruimte. Iedere schijf bevat een kleurfilter (cyaan, magenta, geel). Een projector werpt licht op de schijven. Op de foto’s zie je wat er gebeurt. Fascinerend! En in feite kinderlijk eenvoudig…

Ten slotte was er de tentoonstelling Art is the antidote, die eveneens is opgebouwd met werk uit de eigen collectie en bedoeld is als tegengif tegen twee jaar corona-ellende. “Met een flinke dosis sprankelende, geëngageerde en grappige kunstwerken (…) hebben we het museum voor jou omgetoverd tot oplaadpunt, een plek waar je je weerstand kunt opbouwen.” Ook hier veel weer genoeg te zien waar ik blij van werd…

Verheven en gelouterd verlieten we het museum. Het was intussen na enen. Helaas waren de rijen bij het museumrestaurant ons iets te lang, dus we liepen het park in dat grenst aan een mooi duingebied. Achterin het park bleek, naast een poortje dat dicht was gemaakt met een groot hangslot, een enorm gat in de omheining te zitten. Aan de voetsporen in het zand te zien, werd dat gat blijkbaar veelvuldig gebruikt door wandelaars… Wij glipten naar buiten en maakten een mooie wandeling in de Wassenaarse duinen. Wie weet stof voor een derde blog over ons bezoek aan Voorlinden…

Geplaatst in Cultuur, Kunst | 2 reacties

Picasso en Giacometti

Twee weken geleden bezochten wij op een koude maar heldere februaridag Museum Voorlinden. Aanleiding tot dat bezoek was de tentoonstelling met werk van twee wereldberoemde en populaire 20ste-eeuwse kunstenaars: Pablo Picasso en Alberto Giacometti. Hun werk staat te boek als baanbrekend en dat is het natuurlijk ook wel geweest.

Hier zie je twee zelfportretten: links Giacometti, rechts Picasso

Over Pablo Picasso heb ik ooit heel veel geweten. Als jongetje in de 5de of 6de klas van de lagere school heb ik een spreekbeurt over deze kunstenaar gehouden. Ik herinner me vooral dat ik onder de indruk was van zijn Guernica, een schilderij uit 1937. Het schilderij heeft enorme afmetingen en toont het bombardement op Guernica (1937) tijdens de Spaanse Burgeroorlog. In 1986 heb ik dit schilderij in het echt gezien, ik was toen met vrienden op vakantie in Madrid en omgeving. De afbeelding hieronder is een uitsnede uit een eigen dia (ingescand). Het doet me denken aan wat er zich sinds enkele dagen afspeelt in Oekraïne… De angst, de ontreddering, de machteloze boosheid die we d.m.v. televisiebeelden zien op de gezichten van de mensen in dat land, zie je terug in dit schilderij. Impressive! Tijdloos… Van alle tijden, helaas.

Het was natuurlijk heel bijzonder om in Nederland een tentoonstelling te bezoeken die was gewijd aan twee wereldberoemde kunstenaars, maar de waarheid gebiedt mij te zeggen dat het me allemaal wat tegenviel. Natuurlijk hingen er prachtige schilderijen en waren er mooie sculpturen te zien… ik had er echter méér van verwacht. Misschien komt het wel omdat we deze kunstenaars te goed kennen via boeken, documentaires, posters, kaartjes, … Het was allemaal zo herkenbaar en dus niet (amper) verrassend. Hieronder een kleine greep uit wat er te zien was in de overigens niet bijster grote tentoonstelling.

Allereerst Picasso…

… en dan Giacometti

Geplaatst in Cultuur, Kunst | 1 reactie

Roaring Twenties

“The parties were bigger. The pace was faster, the shows were broader, the buildings were higher, the morals were looser, and the liquor was cheaper.”

F. Scott Fitzgerald, The Great Gatsby, 1925.

De afgelopen maanden kwamen de Roaring Twenties onze huiskamer binnen met de fan-tas-tische Duitse TV-serie Babylon Berlin; en afgelopen zaterdag liepen we diezelfde Roaring Twenties tegen het lijf in Bergens onvolprezen Museum Kranenburgh. Daar waar de TV-serie je onderdompelt in het decadente Berlijn van de jaren ’20 met op de achtergrond de dreigende opkomst van het fascisme, confronteert de tentoonstelling in Kranenburgh je met de kunst uit die tijd – en met wat wel eens de volgende Roaring Twenties kunnen worden, namelijk de 20’er jaren waarin wij nú leven. In het boekje dat je krijgt als je het museum bezoekt, staat dat alzo verwoord.

Toen we in 2019 begonnen aan de voorbereidingen voor deze tentoonstelling wisten we niet dat we in 2020 een decennium binnen zouden struikelen waarin een wereldwijde pandemie, natuurrampen en maatschappelijke activistische bewegingen zoveel onrust zouden brengen.

In deze roerige tijd is ons verlangen naar een betere wereld groter dan ooit en schreeuwt het om verbeeldingskracht. Verbeelding is een basisvoorwaarde om zin en betekenis te kunnen geven aan wat we zien, om te kunnen omgaan met wat we niet begrijpen of niet willen accepteren, en om ons überhaupt een voorstelling te kunnen maken van een toekomst die er nu nog niet is.

Je loopt door zalen waarin zowel zeer eigentijdse als 20ste-eeuwse kunst is te zien. Soms naast elkaar geplaatst, soms tegenover mekaar. Soms puur uit die tijd, soms in mengvorm, waarbij met name de hedendaagse kunstenaars zich laten inspireren niet alleen door de uitdagingen van deze tijd maar ook door de (vorm)taal van het eerste decennium na de Eerste Wereldoorlog… Ik ging zonder enige specifieke verwachtingen naar binnen en liet me verrassen. En dat is me goed bevallen!

De eerste zaal waar je doorheen loopt, is er een waar video- en TV-schermen opgesteld staan en allerlei bewegende beelden samen een betoverend geheel vormen waarop je haast niet uitgekeken geraakt… Het begin van een heerlijke ontdekkingsreis langs zeer uiteenlopende kunstuitingen…

Na deze wandeling door de 20’er jaren van de 20ste en de 21ste eeuw (wij staan in feite nog maar op de drempel van onze Roaring Twenties – dat belooft!) hebben we behoefte aan even zitten onder het genot van wat lekkers. Vrouwlief bestelt een verse muntthee en een gebakje dat de naam ruïnesteen heeft meegekregen. Ik kies een amarettogebakje (verslavend lekker) en drink daar een biertje bij dat in Bergen wordt gebrouwen: Stoked! Het is een ongefilterde pils, gebrouwen volgens het Duitse Reinheitsgebot. Ik ben geen pilsliefhebber (ik sterf liever dan een Heineken, Amstel, Stella, Jupiler of consoorten te drinken) maar dit is lekker bier. Onthouden!

In de oude villa Kranenburgh gaat de tentoonstelling verder. Hier hangt werk van leerlingen van het Alkmaarse Murmellius Gymnasium, geïnspireerd door de tentoonstelling. “Na anderhalf jaar mondkapjesplicht, lockdowns en online leven geeft Reset Generation jongeren een stem en de ruimte om zich te laten zien en horen over onderwerpen als gender, milieu en toekomst.”

En op de eerste verdieping is werk te zien van het KunstenaarsCentrumBergen. Altijd leuk…

Deze tentoonstellingen zijn nog tot en met 3 april te zien. Mocht je in de buurt zijn, loop dan eens binnen, het is echt de moeite waard! Bij de tentoonstelling hoort een boekje, getiteld The Roaring Twenties waarin je de meeste kunstwerken afgebeeld vindt alsook interessante achtergrondinformatie en uitleg over wat er is te zien.

Geplaatst in Cultuur, Kunst | 1 reactie

Heerlijk gewandeld

Nu ik weer werk, vind ik het niet vanzelfsprekend om elke vrije dag een stukje te gaan lopen. Het is lekker om ook eens thuis te blijven… Voor zondag wordt echter een zondvloed voorspeld, dus trekken we er vandaag op uit. We parkeren aan het begin van de Zeeweg en lopen het duingebied in dat de Verbrande Pan heet. De lucht is Mariamantelblauw. De takken en twijgen van de talloze duineikjes vormen een wirwar van lijntjes tegen helverlichte hemelkoepel…

We komen een familie Exmoor pony’s tegen… Wat zijn dat toch mooie beesten! Ze dwalen op hun gemakje door het bos, waar ze beschut zijn tegen de koude westenwind.

We lopen de hele Verbrandepanweg af tot we, vlakbij het fietspad van ’t Woud naar Bergen aan Zee, bij een meertje komen. Een foto die ik hier in november maakte, heb ik gebruikt om mijn kerstkaart te maken. Dit is een mooie plek…

We volgen een stukje het fietspad en slaan dan rechtsaf, het Kolenpad in. Voor ons uit strekken zich eindeloze kale duinen uit. Het is zo bijzonder om te ervaren dat je dan na een paar bochten opeens afdaalt en weer langs een duinbos loopt en bij een volgend meertje aanbelandt…

We klimmen naar de nok van de zeereep en dalen af naar het strand. De sporen van storm Corrie die afgelopen maandag woedde aan de Noord-Hollandse kust, zijn nog overal zichtbaar!

Door open duinen wandelen we weer richting de auto. Even verdween de zon achter een hoge sliert wolken, maar wat later ligt het landschap weer te baden in het februarizonlicht.

Het zal wel al half twee zijn geweest als we terug bij de auto zijn. We stappen in en rijden naar Bergen voor een bezoek aan museum Kranenburgh…

Geplaatst in Duinen, Wandelen | 1 reactie

Bakkumse Klif

Woensdag, vrijedag. 2.2.2022. Zonovergoten februariwoensdag.

Twee dagen nadat storm Corrie vanuit het noordwesten de Nederlandse kust teisterde, gaan wij eens lekker aan ramptoerisme doen. De bolide wordt achtergelaten bij Bakkum Noord en we lopen welgemoed het Noord-Hollands Duinreservaat in. Het loopt tegen half elf, de laatste mountain-en-andere-bikers verlaten de wandelpaden, de wandelaar kan weer zonder alert te moeten zijn op langs scheurende medeweggebruikers genieten van al het moois dat de duinen te bieden hebben…

De lucht is februariblauw. En dat is geen normaal blauw, lees ik op de Facebook pagina van een vrijeschool. “In de natuur verandert in de zes weken na kerst de kleur van de hemel. De zon krijgt meer kracht en daardoor wordt de hemelkleur februariblauw; de symbolische kleur van de mantel van Maria. Het is een heldere hemel, zowel overdag als ’s nachts de moeite van het bekijken waard. Die helderheid komt doordat er o.a. nog geen pollen en zaden in de lucht hangen. Die helderheid in de lucht kan aan ons mensen een helderheid van geest geven. Die helderheid van geest is belangrijk, omdat we deze periode bezig zijn met plannen maken; er wordt gezaaid voor de toekomst.” Als je zoiets leest, kijk je toch anders naar het uitspansel… We komen bij het Weitje van Brasser.

We steken door naar het Doornvlak en vandaar gaat het over een breed pad richting de zeereep: de laatste duinenrij voor je op het strand komt.

En daar wacht ons een verrassing. Door het mulle zand dalen we af richting het strand. En opeens staan we voor een heuse afgrond van een metertje of drie, vier. Het duin is hier door de door de storm opgehitste zee weggeslagen! We staan a.h.w. bovenop een cliffa Dutch cliff! In Gaasterland (Friesland) hebben ze het Mirnser Klif, wij hebben nu in Noord-Holland het Bakkumse Klif!

Ten noorden van ons is de lucht knalblauw, zuidelijk van ons drijven hoge wolkenflarden die zorgen voor een verblindend wit licht op het strand, dat er glinsterend nat bij ligt. In de verte rollen de golven en tuimelen over elkaar met luid gedonder. Het is niet druk.

De volgende strandopgang is al even erg toegetakeld. We hebben geen zin om tegen de steile zandmuur op te ploeteren en lopen door naar Castricum aan Zee. Daar wordt hard gewerkt om de schade te herstellen die de storm er aan de infrastructuur heeft aangericht: grote betonnen platen, die een soort promenade vormen waarlangs je de verschillende strandpaviljoenen kunt bereiken zonder door mul zand te baggeren, zijn door water en wind als vodjes papier over het strand verspreid. Met een graafmachine worden ze weer op hun plek gelegd.

Pal achter de zeereep nemen we de Vlewoscheweg en lopen parallel aan het strand noordwaarts. Via een breed pad en een ommetje over een uitzichtpunt bovenop een duin, lopen we weer richting het Weitje van Brasser. Hier komen we eigenlijk nooit, leuk om dit pad eens te lopen en dan nog wel op zo’n stralende dag! De winterkleuren komen prachtig tot hun recht…

Ten slotte naderen we Bakkum Noord. Door bladerloze bossen waarin het zonlicht kwistig wordt rondgestrooid, wandelen we naar de parkeerplaats. Die staat nu een stuk voller dan vanmorgen! Het is al twee uur geweest, tijd voor een late lunch!

Geplaatst in Duinen, Wandelen | Een reactie plaatsen

Drie boeken

De afgelopen twee weken heb ik zowaar drie boeken uitgelezen. Met dank aan de tijd die ik lezend in de trein kan doorbrengen…

Laat ik beginnen met Lévi Weemoedt. Op de website van DWDD lezen we: “Een literaire popster: dat was Lévi Weemoedt in de jaren ’70 en ’80. Eigenzinnige en ironische schrijfsels, gekenmerkt door een inktzwart wereldbeeld in combinatie met galgenhumor.

Özcan Akyol dacht dat Weemoedt al lang overleden was… Toen hij vaststelde dat dit helemaal niet zo was, stelde hij een bloemlezing samen met gedichten van de schrijver: Pessimisme kun je leren. Het boekje heeft een tijdlang naast mijn bed op het nachtkastje gelegen en het was altijd een feest om het open te slaan en er een paar gedichten uit te lezen. Lévi Weemoedt slaagt erin bij de somberste gedichten een glimlach op je gezicht te toveren…

Liefde is…

Ach! Hoeveel kopjes trok ik van dit zakje thee?
In hoeveel verzen heb ik jouw gezicht bezongen?
Ja, hoeveel maal verdween de zon in zee?
En hoeveel teer bleef achter in mijn longen?

Op hoeveel fietsen reed ik daaglijks naar je toe?
En hoeveel smoesjes zijn er in je opgerezen?

Zó veel, dat thans statistisch is bewezen:
‘De liefde is toch zo een droef gedoe…’

Rijk verleden

Ik was dronken toen ik je ontmoette,
Ik was dronken toen ik je verloor,
Wat kan er nog een hoop gebeuren
Tussen twee dronkenschappen door.

Lodesteijn

Afijn, dit zijn dus enkele voorbeelden uit het rijke oeuvre van deze dichter die ook aardig wat proza op zijn naam heeft staan. Mijn keuze viel op twee romans met in de hoofdrol dhr. Lodesteijn, leraar klassieke talen op een protestants-christelijke VO-school in Vlaardingen. In het eerste boek, dat dateert uit 1986, maken we kennis met Lodesteijn, die bij zijn leerlingen zeker niet onpopulair is maar wordt gehaat door zijn leidinggevenden. De ziekte van Lodesteijn verhaalt over hoe deze sympathieke leraar uiteindelijk ziek thuis komt te zitten en het er zelfs naar uitziet dat hij zijn baan kwijt geraakt. Het vervolg wordt pas uitgegeven in 2021 maar er is langere tijd met tussenpozen aan gewerkt. De coronacrisis gaf Weemoedt het zetje om dit langverwachte vervolg af te maken en te publiceren. In Het nut van Lodesteijn is de leraar inderdaad werkeloos geworden en is hij wanhopig op zoek naar werk en zingeving.

Beide boeken lezen lekker weg. Ik vond het eerste wel ‘lekkerder’ om te lezen, Weemoedt is er behoorlijk in vorm en meermaals heb ik zitten bulderlachen! Die neiging had ik minder tijdens het lezen van Het nut… maar dat neemt niet weg dat zich ook tijdens het lezen van dit boek geregeld een glimlach om mijn lippen krulde.

Pat Barker

Van een heel andere categorie is het boek De stilte van de vrouwen, waarin de schrijfster de val van Troje beschrijft vanuit de beleving van Briseïs.

Briseïs was een Trojaanse weduwe, die door Achilles tijdens de Trojaanse Oorlog als oorlogsbuit was ontvoerd. Zij werd zijn lievelingsslavin en minnares. Nadat Agamemnon zich door een orakelvoorspelling verplicht zag Chryseïs op te geven, eigende hij zich Briseïs toe. De wrok van Achilles die hierop volgde wordt bezongen in de Ilias van Homeros: Achilles trok zich terug uit de oorlog en de Grieken verloren de bovenhand in de strijd. Zelfs nadat Agamemnon Briseïs teruggegeven had (en hierbij niet naliet te vermelden dat hij haar niet aangeraakt had), bleef Achilles koppig volharden. Slechts toen zijn beste vriend Patroclus door Hector gedood werd, liet hij zijn wrok jegens de Grieken varen en ging hij de strijd aan met Hector. (bron: Wikipedia).

Een prachtig boek, meeslepend verteld. Een historische roman, geschreven vanuit een nieuw perspectief.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Mist!

Het is al de hele week grijs – de ene dag eerder nevelig, de andere dag behoorlijk mistig. En af en toe was er opeens een zonnig moment, maar dat viel overdag, in de Domstad, erg tegen… De dagelijkse wandelingen naar mijn kantoor, vanaf het station door het mooie centrum van Utrecht, waren evenwel erg sfeervol…

Vandaag is het weekend. Geheel tegen mijn gewoonte in, heb ik de wekker uitgezet, maar ik ben toch alweer wakker als het buiten nog donker is. Er komt slechts langzaam licht in de lucht en uiteindelijk blijkt dat er opnieuw een dichte mist hangt. Ik houd van mist, ik vind het sfeervol en het maakt dat je wat gedesoriënteerd bent. Natuurlijk omdat je zicht behoorlijk wordt beperkt, maar ook omdat je niet goed meer kunt bepalen waar geluiden vandaan komen. De wereld is écht anders…

Om half tien, na een eenvoudig ontbijt met tea & toast, rijden vrouwlief en ik naar de duinen. We kiezen voor de Westert bij Egmond Binnen. Op de paden daar mogen geen mountainbikers rijden – dat wandelt wel zo relaxt! Op de parkeerplaats is het druk maar van die drukte merken we in het duingebied weinig. Af en toe komen we wandelaars tegen en twee- of drietallen hardlopers. De meesten zeggen vriendelijk goeiedag en houden voldoende afstand… Tja, we leven nog steeds in tijden van corona hé, en dan hoort afstand houden er wel gewoon bij.

Als we van de Hogeweg afdalen, komen we bij het duinmeertje dat is gelegen tussen de Vlewoscheweg en de Lageweg, die beide van Egmond aan Zee komen aanslingeren en mekaar iets verderop kruisen. Bij die kruising gaan wij linksaf, de Lageweg volgend tot bij het bos.

In het bos lijkt het alsof het regent… De mist zet druppels af aan de takken, twijgjes en dennennaalden en als die druppels groot genoeg zijn, laten ze los en storten ze loodrecht ten gronde… Het ruikt hier lekker en de bodem voelt zacht en verend aan… Even verderop, als we het bos uit zijn, lopen we een stukje over het fietspad (de Middenweg) tot voorbij een veerooster. Er liggen daar op de plaats waar lang geleden een parkeerterrein was, twee kleine duinmeertjes die nu, door de overvloedige herfst- en winterneerslag, een groot meer vormen. De banken en picknicktafels staan bijna met hun voeten in het water en het pad dat aan de noordzijde langs de meertje loopt, is helemaal ondergelopen.

Het pad kruist een houtwal. We komen in het gebied met de oude akkertjes. Hier leven weer konijnen. De boswachter die we laatst spraken, vertelde ons dat dit een van de weinige kolonies is waar de konijnen al resistent zijn tegen de virusvariant die de konijnenstand in de duinen bijna tot nul heeft teruggebracht. Hij hoopt dat deze diertjes, die van wezenlijk belang zijn voor de kwaliteit en de biodiversiteit van het duingebied, van hieruit de duinen weer gaan heroveren…

Net voordat we het parkeerterrein bereiken, komen we nog langs een stelletje Schotse hooglanders… We maken een bochtje… ze zien er vervaarlijk uit met hun indrukwekkende horens!

Geplaatst in Duinen, Wandelen | Een reactie plaatsen

Sunday afternoon

Eigenlijk gaan we veel te laat op pad… Half twee van huis gaan op zondagmiddag, en dat in tijden van een lockdown, is vragen om tevergeefs een parkeerplekje zoeken. Bij Diederik loopt het parkeerterrein inderdaad al over, maar bij Bakkum Noord, Noorderstraat vinden we nog een plekje. Dat we niet alleen zijn in de duinen, blijkt al gauw: het lijkt hier wel de Kalverstraat! Omdat we in het geheel niet van drukte houden, gaan we op zoek naar alternatieve paden, paden die geen onderdeel zijn van uitgezette routes. Dat helpt. En ook: hoe verder we het duin in lopen, hoe rustiger het wordt. Op het kaartje zie je de wandeling die we hebben gemaakt… 9,6 kilometer.

Hoewel er aardig wat blauw is te zien, overheersen de wolken… Toch komt de zon vaak genoeg te voorschijn om een fotoreeks te maken die de indruk wekt dat we een zonovergoten middag hebben gehad. Die impressie laten we graag bestaan…

Vanaf de parkeerplaats lopen we de Kronkel in, dan volgen we een stukje fietspad en gaan de Kroft op, een zandpad dat, als je het helemaal uitloopt, bij het Meertje van Vogelenzang (Bakkum Noord) eindigt. Dit meertje speelt een lugubere hoofdrol in het fantastische boek De Rode Zwaan van Sjoerd Kuyper. Zover volgen wij de Kroft echter niet, we gaan rechtsaf en lopen naar de Staringweg, een fietspad. We nemen het pad aan de noordkant van het Weitje van Brasser. Veel ‘weitje’ is dat niet, het is vooral water… We steken ten westen van de Van Oldenborghweg door naar het Doornvlak en vandaar lopen we over de Scheiweg naar de stille strandopgang met dezelfde naam.

Vanaf het fietspad naar de strandopgang is voor ons nieuw, nauwkeuriger geformuleerd: ik kan me niet herinneren hier al eerder te hebben gelopen. Het pad loopt slingerend door open duin en eindigt met een flinke klim tegen een duin aan, bovenop de zeereep.

We dalen niet helemaal af tot op het strand, teveel geploeter door mul zand! We keren terug op onze schreden en gaan naar rechts, de Vlewosche Weg op (die van Egmond aan Zee naar Castricum aan Zee loopt – en misschien nog wel verder naar het zuiden). Hier is het vrij rustig, we komen slechts af en toe andere wandelaars tegen. En… een boswachter, die zowaar naar onze toegangsbewijzen vraagt! Geen probleem, die hebben we (altijd) bij ons. We arriveren bij de volgende, meer zuidelijk gelegen strandopgang: Castricum Noord.

Hier doen we hetzelfde: we lopen omhoog tot we de zee zien, maar afdalen naar het strand laten we voor een andere keer… We lopen terug in oostelijke richting, landinwaarts. Kruisen de Van Oldenborghweg opnieuw. Er staat een kudde schapen te grazen – altijd leuk!

Langs de zuidzijde van het Weitje van Brasser lopen we naar een uithoek van Camping Bakkum, en dan voorts door het bos terug naar de parkeerplaats… De zon is net onder als we de auto bereiken. Bij huize Zeeveld brandt de kerstverlichting… De hemel is helder blauw maar in het bos valt de duisternis.

Geplaatst in Duinen, Wandelen | 1 reactie

Groet

Tot het jaar 2000 bezaten wij geen auto en alle uitjes en vakanties deden we met het openbaar vervoer, op een enkele keer na: dan huurden we een autootje… De snelste route naar de duinen was de bus naar Petten, vanaf de halte Koedijker Vlotbrug, waar we vanaf ons huis in een kwartiertje heen liepen. Meestal stapten we uit de bus in Catrijp of Groet, wandelden naar Camperduin en namen daar de bus terug, al dan niet na een natje (en soms een droogje) bij strandpaviljoen Minkema.

Toen we eenmaal in het bezit waren van een auto, vond ik de duinen steeds minder interessant en kwamen we er op den duur nog maar zelden; nieuwe bestemmingen genoten mijn voorkeur. Mijn ziekteperiode, werkeloos worden én corona maken dat we weer veel meer in de duinen komen – en we kiezen dan meestal voor de duinen tussen Bergen en Castricum.

I.v.m. de aangekondigde regen, willen we vandaag vroeg op pad en omdat we echt schijtziek worden van de rondracende groepen mountainbikers op de wandelpaden in het PWN-gebied, richt ik de neus van onze blauwe bolide naar Groet, alwaar we het laatste plekje inpikken op de kleine parkeerplaats onder het kleine klimduin. We lopen omhoog; het pad blijkt tegenwoordig semi-verhard te zijn, met betonnen tegels-met-gaten. We kiezen al gauw voor een zandpad naar rechts en volgen vanaf hier de rode pijltjes van een wandelroute van het Noord-Hollands Wandelknooppuntennetwerk die ons naar het grote parkeerterrein van Hargen aan Zee voeren.

De route volgt paden en paadjes die ik niet ken, dwars door gebied waar je vroeger volgens mij niet eens mócht lopen! Af en toe is het echt ploeteren door het mulle zand. Gelukkig heeft het de afgelopen dagen flink geregend en is het zand relatief hard. Op een zomerse dag zal je mij hier waarschijnlijk niet gauw door droogmul zand zien banjeren… daar krijg je teveel spierpijn, lekkende oksels én dorst van!

Bij Hargen aan Zee lopen we het strand op. Er staat een gure zuidwestenwind en af en toe spettert het wat. Gelukkig hebben we de wind in de rug. Ik zet een muts op mijn hoofd en doe mijn capuchon omhoog – zo houd ik het hoofd warm! Ondanks de kou lopen er toch wat mensen op het strand en er zijn zelfs een paar dappere vliegeraars in de weer!

Bij strandpaviljoen Luctor et Emergo verlaten we het strand. Op de duintop staat een schitterend beeld gemaakt door de Alkmaarse kunstenaar John Bier: De strandvlonder – Een leven lang tussen eb en vloed. Vroeger stond dit beeld bij wat nu paviljoen Struin heet, en vroeger bekend stond als Minkema. Toen vormde de Hondsbossche Zeewering, geplaveid met plakken basalt, de grens tussen de zee en het land… In het kader van de zeespiegelstijging ligt deze oude zeewering nu verstopt achter wat de Hondsbossche Duinen is genoemd: miljoenen kubieke meters zand zijn hier opgespoten tussen 2013 en 2015. Struin, voorheen dus Minkema, staat nu niet meer dicht bij de zee, waar het meermaals door stormen en branden werd verwoest – en altijd weer herrees.

We besluiten om de horeca te steunen in tijden van een lockdown…: bij Struin kopen we een broodje kroket. Lekker om even uit de wind te staan. De kroket is prima te kanen! Van over zee komt nu een groot regengebied aandrijven, we zetten er stevig de pas in. We volgen het Camperpad dat min of meer parallel met de duinrand landinwaarts loopt, naar Groet. In een boom zien we een roofvogel zitten. Ik denk dat het een sperwer is maar het zou ook een havik kunnen zijn… Er zitten teveel takken in de weg om de vogel echt goed te zien – laat staan er een scherpe foto van maken. Vrouwlief waagt dapper een paar pogingen, ik begin er zelfs niet aan. Even verderop lopen we boven het Hargergat, een duinrel. Je ziet, naast een huis, het water met flinke vaart uit het duin stromen!

De capuchon gaat weer op, want het begint nu gezapig te regen. Gelukkig beschutten de duinen ons tegen de wind. Het getik van de regen op de dode blaadjes aan de bomen en op de grond, is een heerlijk rustgevend geluid! We komen langs het witte kerkje van Groet: ik vind het een pareltje. Bij de kerk staat een leuk beeldje van drie meisjes: De wasvrouwen. Op het gras bij de kerk werd vroeger de was te bleken gelegd…

Het middaguur heeft reeds geslagen. We rijden naar huis. Lunchen hoeft niet meer, maar een grote mok Engelse thee lust ik wel!

Geplaatst in Duinen, Persoonlijk, Wandelen | 1 reactie

Donderdag

Klopt, het is vandaag donderdag. Heeft niets met donder te maken noch met bliksem. Gewoon, het is vandaag donderdag. Na de start in de nieuwe job, een héél warm welkom aldaar en de kennismaking met een heleboel nieuwe dingen en een aantal aardige collega’s (de meesten werken voorlopig thuis…), is het heerlijk om een dagje alle indrukken los te laten en weer eens mijn eigen gang te gaan… Morgen voor de derde en laatste keer deze week naar Utrecht, vandaag naar Bergen!

De ochtend is prachtig maar helaas zijn er verplichtingen waardoor we er niet op uit kunnen trekken. Na de middag drijven er buien over en daarna komt de zon er toch nog af en toe door. Het laatste anderhalf uur voor zonsondergang lopen we nog een stukje in de duinen bij de Franschman. Heerlijk. Het is koud maar al het moois dat we zien, vervult ons met wintergloed…

Hieronder enkele foto’s. As simple as that. De zon staat al vrij laag boven de kim dus een groot deel van het landschap ligt in de schaduw. Maar waar ’s zons stralen nog doordringen, is het licht zacht en warm.

Om 16.44 uur gaat de zon onder. Dat is ruim een kwartier later dan pak ‘m beet twee weken geleden. Zeker op een heldere dag als vandaag blijft het dus alweer ‘vrij lang’ licht! Dat geeft de burger moed. Op werkdagen zit ik al om zeven uur in de trein en ben ik pas weer thuis om zeven uur ’s avonds: het woon-werkverkeer verloopt vooralsnog in de duisternis.

Maar de dagen lengen! Over twee, drie weken zien we mogelijk al de eerste sneeuwklokjes verschijnen. Hoewel de winter de komende weken nog flink kan (en mag!) uitpakken, is de lente onherroepelijk in aantocht. De donkerste dagen van het jaar hebben we achter ons gelaten.

Geplaatst in Duinen, Persoonlijk, Wandelen | 2 reacties