Ten zuiden van de Zeeweg

Na een grijze, koude start neemt de zon het over… De lucht evenwel blijft fris, dus van de fleece, de sjaal en de winddichte jas heb ik geen spijt. Hoe dan ook, de eerste dag van de meteorologische lente mag er dit jaar zijn! We parkeren aan het begin van de Zeeweg. “Wat doen we: noord of zuid?” We kiezen voor zuid en we hebben er achteraf geen spijt van. Het wordt een prachtige wandeling en – wat we heel bijzonder vinden – we ontmoeten amper andere wandelaars. We genieten dan ook met volle teugen!

Meestal lopen we de route die wordt aangegeven met gele driehoekjes, uitgebreid met een kleine, iets meer zuidelijk gelegen lus. Dat is ook vandaag het plan, maar omdat het zulk mooi weer is en omdat we op een gegeven moment in de verte de zon zien schitteren op de zee, voelen we ons aangespoord om door te lopen naar het strand. Een blik op de kaart zegt ons dat dit zeer wel mogelijk is.

Het eerste deel van de wandeling gaat door bos. De wind en het klimaat hebben de bomen hier mede gevormd; gedurende de helft van het jaar zijn de loofbomen bladerloos en kun je je vergapen aan hun grillige vormen…

Op sommige plaatsen is de bodem alweer zo opgedroogd dat het moeizaam lopen is op de mulle zandpaden. Je ziet dat de mensen de randen opzoeken, waardoor het pad uiteindelijk een breed spoor wordt, haast een lelijk litteken in het landschap. Dat gebeurt ook op plekken waar paden door moerassig gebied lopen. Ooit (1977) liep ik in Engeland de Pennine Way, een Engels long distance trail. Op sommige drassige heuvelruggen was het pad breder dan een voetbalveld… De Engelsen hebben daar wat op gevonden: ze noemen het erosion control. Het komt er op neer dat je op dergelijke plekken het pad zo aanpast en verbetert, dat wandelaars niet meer de behoefte hebben om naast het bestaande het pad te gaan lopen. Voor de beleving pakt dat niet altijd even gunstig uit maar je voorkomt zo dat paden bronnen van enorme bodemerosie worden.

Op de kruising voorbij de Takkenberg (zie kaartje) gaan we meestal linksaf; vandaag echter gaan we naar rechts en lopen we naar zee door een mooi stuk open duin, tot op het fietspad van Bergen aan Zee naar Wimmenum.

Op het fietspad gaan we linksaf en even verderop rechtsaf, door diep mul zand omhoog – en weer omlaag, naar het quasi verlaten strand…

Het water komt op. De rug met zand die een drooggevallen strandplas scheidt van de zee, wordt regelmatig overspoeld en de strandplas loopt langzaam maar zeker weer vol. Amper een kwartier later heeft de zee ook de zandrug overspoeld. De vloed komt in rap tempo op!

We klimmen weer omhoog door het diepe mulle zand. De duinen liggen er prachtig bij in het stralende licht van de zon die denkt dat het stilaan tijd is om onder te gaan…

We lopen een paar honderd meter over het fietspad en nemen dan een vrij smal pad naar links. Het Nederlands Kustpad (LAW) loopt hier ook: etappe 9, van Egmond aan Zee naar Groet (en vice versa natuurlijk), dwars door de duinen… Hier kuiert een vrij grote kudde Schotse Hooglanders door het landschap. Het zijn en het blijven fotogenieke beesten met een hoog aaibaarheidsgehalte, al is het advies dat je afstand houdt, bij voorkeur zo’n 25 meter. Met een telelens haal je ze gemakkelijk wat dichter bij zonder dat je gevaar loopt.

Er liggen hier ook een paar mooie duinmeertjes. De blauwe lucht weerspiegelt diepblauw op het water, de avondzon legt over aarde en planten een warme oranje gloed. De camera’s maken overuren…

Je kunt goed zien dat het water hier de afgelopen tijd hoog heeft gestaan, hoger dan nu! Volgens mij kon je hier zelfs een tijdje niet passeren omdat de boel helemaal onder water stond! De duinmeertjes zijn in elk geval goed gevuld en in een nabijgelegen bosje staan de bomen met hun voeten in het water!

Het wordt koud en de zon gaat nu echt bijna onder. Dat betekent dat we er flink de pas in moeten zetten, want je mag hier alleen maar lopen van zonsopkomst tot zonsondergang… Maar het is vandaag te mooi om blindelings door het landschap te racen. De duinruggen kleuren rood in de ondergaande zon. We zien een paar Exmoor ponies: merrie en veulen. De hengst staat verder-/hogerop en houdt ons goed in de gaten.

Het is kwart voor zeven. Ons autootje staat moederziel alleen op de parkeerplaats. Ik start de motor, en klinkt een pingeltje: 4°C is het… Als we over de Bergerweg rijden, kleurt de lucht achter ons dieprood… “Ach, stonden we nog maar op het strand,” verzuchten we… Het is ook nooit genoeg!

Geplaatst in Duinen, Wandelen | Een reactie plaatsen

Kleine observaties op een mistige ochtend

Zondag – en net als zaterdag is er voor de ochtend (dichte) mist voorspeld. Zaterdagochtend zitten de voorspellers er naast, het is hooguit grijs en nevelig. Maar vandaag is het wel raak en dus stappen we na een haastig ontbijt in de auto en rijden naar het Vlasgat voor een ommetje Kleimeer… Die ligt er sfeervol bij!

Ook vandaag gaat mijn aandacht vaak uit naar het kleine… Hieronder een reeks foto’s waar ik blij van word & blij mee ben 😊.

Zo’n ommetje als vanmorgen… Je loopt 2 à 3 km op je dooie gemakje (wij zijn dan gemakkelijk anderhalf à twee uur op pad) en als je je ogen open houdt voor alles wat er vliegt, wiegt en groeit en voor het licht en de kleuren om je heen, dan kan mijn dag al niet meer stuk!

Geplaatst in Kleimeer, Wandelen | Een reactie plaatsen

De Krim

Zo heet de wandeling die we aan het eind van deze mooie zaterdag gaan maken, vanaf het parkeerterrein bij de Westert (Egmond-Binnen). Het eerste deel, dat ten noorden van de Middenweg ligt, kennen we. Maar voor het grootste deel gaan we paden betreden die helemaal nieuw zijn voor ons, en dat vind ik altijd leuk…

Zoals gezegd, beginnen we op een vertrouwde plek: de Westert. We lopen het parkeerterrein af en werpen een blijk over het enorme weiland richting het Sint Liobaklooster, dat er weer drassig bij ligt.

Vervolgens lopen we over een mooi pad tussen door walletjes omringde voormalige akkertjes richting het fietspad en de bosrand. We kruisen het fietspad, zigzaggen door het bos en lopen zo naar het meest noordelijke puntje van de wandeling dat bij een stukje duin ligt dat De Krim heet. Geen idee waarom het daar zo heet en wat het zo bijzonder maakt dat de wandeling ernaar wordt vernoemd…

We wenden onze neuzen zuidwaarts, lopen door een prachtig dennenbos en kruisen de Middenweg. We lopen nu op een breed duinpad (Lageweg) dat zich met brede bochten, op en neer door het open duin slingert.

De zon staat al laag; het avondlicht strijkt over het duin… We komen opnieuw bij een fietspad: de Van Oldenbarneveldweg. We steken over. Er is daar een stuk duinbos omgehakt en de grond is afgeplagd. Wind en zand kunnen hier weer vrijuit met elkaar stoeien!

Dan verdwijnen we weer in een bos met afwisselend percelen loof- en naaldbos.

De zon nijgt ter kimme… Als we weer op de Middenweg staan, zien we ze haar laatste stralen over het duin strooien…

De duinmeertjes liggen er sereen bij. De kilte en de vochtigheid trekken uit de grond, de eerste nevelslierten verschijnen… Over het fietspad lopen de laatste wandelaars richting het dorp.

Geplaatst in Duinen, Wandelen | 4 reacties

Maandag (2)

Afgelopen maandag bezochten we het voormalige eiland Marken. En voor we weer naar Alkmaar reden, konden we het niet nalaten die ándere Noord-Hollandse kaasstad te bezoeken die daar vlakbij ligt: Edam.

Een klein beetje geschiedenis, met dank aan Wikipedia (waaraan ik onregelmatig een kleine financiële bijdrage schenk; dit geheel ter zijde). Edam ontstond bij een dam aan de IJe of E die in de Zuiderzee uitmondde. Omstreeks 1230 werden de zeegaten van de Zuiderzee afgedamd. Bij zo’n dam moesten de goederen worden overgeladen en kon tol worden geheven. Zo ook te Edam waardoor de bescheiden nederzetting tot een handelsplaats kon uitgroeien. Scheepsbouw, haringvisserij en kaashandel brachten Edam tot grote bloei. Graaf Willem V verleende Edam in 1357 stadsrechten. Op 16 april 1526 kreeg Edam van keizer Karel V het recht van vrije weekmarkt alsmede het recht van Waag. Op 2 maart 1574 werd dit recht van Waag door Willem van Oranje eeuwigdurend vergeven als dank voor de goede samenwerking tijdens het beleg van Alkmaar.

We parkeren op een soort parkeergrasveld aan de rand van de stad, steken de drukke Singelweg over en lopen de Zuidervesting op. We hebben beide hoge nood en omdat een mens in tijden van corona zowat nergens terecht kan voor een kleine boodschap, zoeken we een paar bosjes op. Opgelucht beginnen we aan onze verkenning van Edam. Het is alweer tien jaar of langer geleden dat we hier met vriend Barney liepen toen we het eerste traject van de Stelling van Amsterdam LAW hadden gelopen. Barney en ik hebben daarna nog een paar etappes gedaan, maar er liggen nog heel wat kilometertjes op ons te wachten! Een idee voor het komende voorjaar?

We lopen de stad in over de Kwakelbrug en hebben een mooi zicht op de ranke Speeltoren met het opvallende carillon waarvan een aantal klokken aan de buitenkant hangen. Vanaf de brug zien we enkele fraaie theekoepels.

Terwijl we door de straten kuieren, vallen ons de vele mooie bovenlichten op die boven statige voordeuren prijken. Alleen daarvan al zou je een reportage kunnen maken… Ik beperkt met tot onderstaande keuze.

Edam staat uiteraard bekend om zijn kaas die eerder bolvormig is en een stuk kleiner dan de ‘schijven’ kaas uit Gouda… Maar voor de toeristen is Goudse kaas blijkbaar de standaard zoals te zien is bij de kaaswinkel bij de dam. Wie echter goed kijkt, ziet in de etalage een stapeltje heuse Edammers liggen…

We dwalen door het stadje dat overal statige historie uitstraalt…

De dam wordt gerestaureerd, er staan hoge hekken omheen en het is niet mogelijk om er een aardige foto van te maken. Natuurlijk zoeken we ook het waaggebouw op, een stuk bescheidener dan de waag van Alkmaar, maar even goed bezienswaardig. Er staat een leuk beeldje van twee kaasdragers met een kaasberrie tussen hen in.

Weet je nog? Toen we een jaar geleden werden geteisterd door het coronavirus en de scholen dichtgingen, werd er een oproep gedaan om teddyberen bij het raam van je huis te zetten. Kinderen gingen op berenjacht – al dan niet met hun ouders. Een sympathiek initiatief vond ik dat. We denken dat er in Edam ook ‘iets met katten’ is georganiseerd, want achter diverse ramen zien we kattenprenten en -beeldjes, waaronder enkele zeer mooie zoals op de foto hieronder is te zien.

Anderhalf uur later lopen we opnieuw de Kwakelbrug over, terug naar de auto. Langs drukke Noord-Hollandse wegen rijden we naar huis. Moe en voldaan.

Geplaatst in Cultuur | 1 reactie

Kleine observaties om en nabij de Kleimeer

Deze woensdag 24 februari maakten we aan het einde van de middag een wandelingetje om en nabij de Kleimeer. Ik beperk me vandaag tot het delen van een paar foto’s waar ik zelf erg blij van word…

Wilgenkatjes
Welke bloemen komen hier uit?
Dodaars
Krokussen
Mannelijke elzenkatjes
Speenkruid
Ransuil
Aronskelk
Rode kelkzwam
Geplaatst in Kleimeer, Natuur | Een reactie plaatsen

Eilandspolder

Man, dát is lang geleden! Ik heb oprecht geen idee hóe lang geleden… Dat komt, denk ik, omdat wij geen polderwandelaars zijn waar je toch relatief vaak asfalt onder je zolen hebt te verduren en waar horizonvervuiling vaak niet te vermijden is. Maar vandaag ben ik afgesproken met Gj. van de leeskring en Gj. heeft voorgesteld om vanuit Schermerhorn een wandeling te maken. Wie “Schermerhorn” zegt, zegt (bijna) onvermijdelijk “Eilandspolder”. We laten de auto’s achter op een parkeerplaats naast een charmant oud schooltje. Wandelschoenen aan en gaan!

De Eilandspolder is een omdijkt stuk ‘oud land’ in Noord-Holland. De polder wordt omsloten door grote, bekende droogmakerijen: ten noorden en westen de Schermer, ten zuidoosten de Beemster. De belangrijkste dorpen zijn De Rijp in het zuiden en Schermerhorn in het noorden. Samen met een aantal andere natuur- en landbouwgebieden is het onderdeel van het Nationaal Landschap Laag Holland.

Kaartje van de website van Oneindig Noord-Holland

Vóór het jaar 1000 bestond dit deel van Noord-Holland voornamelijk uit hoogveenmoeras dat op sommige plaatsen wel 5 à 6 meter hoger lag dan het huidige land. De mensen woonden op zand- en kleiruggen in de kuststreken of langs de oevers van veenrivieren. Rond het jaar 1000 nam de bevolking vrij snel toe. Daardoor ontstond er een tekort aan bruikbare grond en trokken de mensen de moerassen in op zoek naar ruimere bestaansmogelijkheden. Omdat het land veel te nat was en dus ongeschikt was voor landbouw, werden er slootjes graven om het overtollige water af te voeren. Doordat het water wegzakte, droogde de grond uit en kwam er zuurstof bij het oude veen, zodat dit ging verteren. Zo begon de bodem in te klinken. Het water moest ergens heen en er ontstonden veenriviertjes. Deze riviertjes konden het water niet afvoeren zodat er op deze plekken meren ontstonden, zoals de Schermer. Ondertussen steeg de zeespiegel en drong de zee bij stormvloeden diep het land binnen. Het water in de meren sloeg bij storm grote stukken land weg van het toenmalige Schermereiland dat als een veeneiland omringd werd door open water. Vanaf het einde van de 16de eeuw werden deze meren stuk voor stuk bedijkt en drooggemalen: de ‘droogmakerijen’. De Beemster viel in 1612 als eerste van de grote meren droog, de Schermer als laatste in 1635.

We lopen door de rustige dorpsstraat van Schermerhorn. Bij de kerk gaan we rechtsaf en we komen langs een alleraardigst museumpje: Het Kleinste Huisje van Schermerhorn. We leven nog steeds in tijden van corona, dus het museum is gesloten… We steken de drukke N243 over en lopen het Oostdijkje op. De Westdijk ligt aan de andere kant van de Beemsterringvaart… Het is bewolkt maar af en toe wordt er een scheut zonlicht over het landschap uitgestrooid. Er staat een strakke zuidwester, ik ben blij dat ik een winddichte jas heb aangetrokken! Voorbij de gebouwen van een transportbedrijf ontvouwt zich het open landschap van de Eilandspolder…

De eerste kilometer of zo gaat over asfalt, maar dan kunnen we de dijk op en met gras onder de zolen gaat het verder. Heerlijk…

Aan de overkant van de Beemsterringvaart strekt zich de Beemster uit. Wat een contrast met de Eilandspolder! Hier een daar steekt het piramidevormige dak van een typisch Noord-Hollandse stolpboerderij boven het wuivend riet uit.

Na ongeveer 4 kilometer vinden we een paaltje met pijltjes van Wandelnetwerk Noord-Holland en ook bordjes van het Noord-Hollandpad, een lange afstandswandelroute van 284 kilometer (hoofdroute) die vertrekt bij de vuurtoren van De Cocksdorp op Texel en eindigt aan de oever van het Gooimeer in Huizen. We verlaten het Oostdijkje en lopen de polder in. Het land is nog behoorlijk drassig maar we zakken er nergens enkeldiep in…

Dwars door de Eilandspolder loopt een hoogspanningsleiding. De route gaat er onderdoor. We komen langs een paar net geknotte wilgen en ik zie het eerste speenkruid van het jaar 2021!

We lopen nu met de wind in de rug en de wolken zijn grotendeels verdwenen: tijd om mijn winddichte jas uit te trekken en in te ruilen voor het hesje dat ik thuis met een voorzienige blik in mijn rugzakje heb gestopt! Via een hekje gaan we een dorp in: Grootschermer. Het is een typisch dorp met lintbebouwing. Het stadhuisje dateert uit 1639 en de kerk is gebouwd in 1762. Hier en daar staan er nog mooie boerderijen. We lopen het dorp uit en komen langs het museum en de beeldentuin van Nic Jonk (1928-1994). Zijn werk heeft míj nooit echt kunnen bekoren, maar hij heeft een grote schare bewonderaars en in heel wat steden en dorpen in Nederland tref je zijn werk…

We lopen nu over het Haviksdijkje met aan onze linkerhand de Schermerringvaart en het uitzicht over de Schermer. De dijk is geasfalteerd tot bij de molen De Havik, die gebouwd is in 1576 en eerst bij De Rijp stond. Er hangt een bescheiden naambordje op het hek: H. Dulfer. Ik grap tegen Gj. dat hier wellicht ene Hans Dulfer woont, bekend saxofonist… Tot mijn verbazing wordt op Wikipedia inderdaad gezegd dat de molen eigendom is van dé Hans Dulfer!

Asfalt wordt weer gras; nog ruim een kilometer te gaan en dan komt de molengang van Schermerhorn mooi in het vizier. We zijn weer bijna terug bij de auto en dat mag, want we hebben flink doorgestapt en de beenspieren geven aan dat het mooi is geweest.

Wat ik nog steeds niet kan bevatten is dat met de gemeentelijke herindeling van 2015, de Schermer en de Eilandspolder alsook de dorpen die daar liggen, bij de Gemeente Alkmaar zijn gaan horen. Ik blijf dat een vreemde gebiedsuitbreiding vinden en had het logischer gevonden als Alkmaar was samengegaan met Heerhugowaard en Langedijk, die straks samen de gemeente Dijk en Waard gaan vormen… De wegen van de ambtenarij (en de politiek) zijn vaak ondoorgrondelijk. Maar wat maakt het uit? Als ze er maar voor zorgen dat de natuur en de historische landschappen en dorpsgezichten goed bewaard blijven, dan vind ik het allemaal best!

Geplaatst in Cultuur, Natuur, Wandelen | 1 reactie

Maandag (1)

Maandag, de eerste dag van de werkweek… Het is wel krokusvakantie, dus ‘de kids’ zitten weer thuis en we verwachten dat er toch nog wat volk op de been zal zijn. Vandaag zoeken we de boorden van het IJsselmeer op (strikt genomen die van het Markermeer) en we beginnen op… Marken. Het voormalige eilandje is nu met het vasteland verbonden d.m.v. een dam waarover ook de enige toegangsweg loopt. Op het kleine eiland liggen verspreid een aantal woonkernen. Typerend zijn de werven: verhogingen in het land (terpen) waarop de mensen hun houten huizen bouwden ter bescherming tegen de zee. Later werden die werven te klein en eromheen bouwde men houten huizen op palen. Dat is allemaal nog goed te zien want voor het patrimonium op Marken is goed gezorgd en zowat het hele eiland is beschermd dorpsgezicht. Alleen de woonkern Minnebuurt bestaat voornamelijk uit modernere huizen, zeg maar een soort Alkmaar-Noord aan het Markermeer… De eerste huizen werden er opgeleverd in 1960 (bron: Wikipedia). Dat was drie jaar nadat Marken geen eiland meer was…

Plattegrondje bij de parkeerplaats (Wandelnetwerk Noord-Holland)

We parkeren bij het dorp: een dagkaart kost er € 9,00. Bij dit soort bedragen voel ik me toch altijd een beetje uitgeknepen… Hier op Marken is nl. geen alternatief, behalve helemaal aan het begin van de dam waar een kleine parkeerplaats is aangelegd – dat is 5 km asfalt lopen extra (heen en terug wel te verstaan) en dat kan en wil niet iedereen… We lopen een bruggetje over en wandelen op ons gemakje door het buurtschap Kets naar de Havenbuurt. Het lijkt wel alsof we de enige toeristen zijn vandaag… OK we zijn redelijk vroeg. OK het is grijs weer en er staat een dun windje. Maar deze rust had ik eerlijk gezegd niet verwacht! Vanaf de eerste stappen klikken de camera’s op volle toeren.

Het is inderdaad alsof je hier in een levend museum loopt… Heel veel huizen zijn van hout gemaakt en zijn groen of zwart geschilderd. Ik vraag me af of dit groen hetzelfde is als Zaans groen. Bestaat er ook zoiets als Marker groen? Het is in elk geval allemaal heel fotogeniek! Het zonnetje doet zijn best om door de hoge bewolking te prikken en wordt daarbij ook nog gehinderd door Saharazand dat hoog in de atmosfeer zweeft, aangevoerd door de zuidenwind… Kortom, geen uitbundige zonneschijn en dat maakt het frisjes, zeker in combinatie met de kille wind! Ik ben blij dat ik op het laatste nippertje toch nog een dikkere jas heb aangetrokken…

Bij de ingang van de haven staat het watersnoodmonument. In de nacht van 13 op 14 januari 1916 voltrok zich op Marken een watersnoodramp; de zgn. Zuiderzeevloed van 1916 teisterde vele stadjes, dorpen en polders rond de Zuiderzee. De stormvloed viel samen met een hoge afvoer op de rivieren. Als gevolg daarvan braken op tientallen plaatsen de dijken. Marken werd zwaar getroffen, de storm kostte er 16 mensenlevens… Lydia Rood schreef er een prachtig jeugdboek over: De stem van het water (1997). In mijn jaren als leraar heb ik dit boek meermaals gebruikt tijdens de lessen geschiedenis! Ik vond afgelopen weekend zelfs nog de CD met het voorgelezen boek erop en heb ‘m uit de prullenbak gered 😊. Komt misschien nog eens van pas!

We dwalen een tijdje rond bij de haven. De kou drijft ons ten slotte de dijk op: bewegen om weer warm te worden! We lopen langs de Gouwzee (deel van het Markermeer dat voor ongeveer 3/4 is afgedamd). Op de weilanden grazen duizenden ganzen. Aan de noordpunt loopt de dam door, de dijk maakt een U-bocht en via de Minnebuurt komen we ten slotte bij het Paard: de vuurtoren van Marken.

We zetten ons aan een picknicktafel, met uitzicht op de vuurtoren. De rugzak gaat open, ik drink van de hete koffie uit de thermoskan en maak van de gelegenheid gebruik om een dunne fleece aan te trekken, en een sjaal en een muts paraat te hebben voor als we verder wandelen, met de wind op kop.

De tocht gaat verder. Intussen zijn er meer wandelaars, de meeste echter lopen door het binnenland naar de vuurtoren en terug. Wij blijven langs het water lopen tot bij de Rozenwerf. Iets van zee af ligt de Moeniswerf, je ziet goed dat de werven wat hoger liggen, op terpen…

Vanaf de Rozenwerf lopen we terug naar de Havenbuurt. Daar is intussen ook meer beweging te bespeuren en we laten ons verleiden om een patatje en een portie kibbeling te kopen. In de beschutting van een overkapt bankje aan de haven, onder grote belangstelling van meeuwen en eenden, zitten we heerlijk te smikkelen!

© 2021 Woudman producties

We wandelen naar de auto via de schilderachtige Kerkebuurt. Marken is een eiland waar het overheersende geloof protestants en gereformeerd is. Bijna drie kwart van de bevolking stemt CDA en aanverwante. Maar… er valt niets verkeerds te vertellen over de Kerkebuurt: smalle straatjes en steegjes, een enkel pleintje en alle huizen strak glimmend in de verf!

Het zal tegen drieën lopen als we weer bij de auto zijn. We besluiten nog een bezoek af te leggen aan Edam… Daarover morgen meer.

Geplaatst in Cultuur, Natuur, Wandelen | 2 reacties

Over een maand…

… vangt de lente officieel aan, maar we mogen nu al genieten van een aperitiefje! De dag begint in elk geval prachtig. Ik trek omstreeks half acht de gordijnen open en de foto-stress vliegt me aan: zie ik daar kleur in de lucht? Ik schiet in mijn kleren, race naar beneden, vlieg de voordeur uit en begin te knippen… Ik voel me bevoorrecht dat ik in een stukje Alkmaar woon waar je zo boembambots open ruimte en natuur vindt…

We zouden vanmorgen in alle vroegte, voordat de mensenmassa’s op de been zijn, ergens een ommetje gaan maken. Na de schitterende start van de dag wolkt het echter dicht en is het een tijdje grijs. We wijzigen de plannen. We gaan aan de slag met een opruimklus (wat gaat naar de kringloopwinkel? wat zetten we op marktplaats? wat gooien we weg? wat bewaren we? en waar dan in godsnaam?) en pas aan het eind van de middag zoeken we de natuur op, in de hoop dat de meeste mensen dan alweer huiswaarts gaan. Als we langs het kanaal noordwaarts rijden, zien we aan de overkant op de N9 de auto’s aanschuiven voor de verkeerslichten bij de Kogendijk. We hebben goed gegokt! En ook de parkeerplaats bij het Vlasgat is leeg op enkele auto’s na…

Deze bomen fotografeer ik bijna elke keer als we in het Geestmerambacht gaan wandelen. In vergelijking met vrijdag, toen we hier ook wandelden, zie ik dat de knoppen aan het uitlopen zijn!
Deze indrukwekkende wilg noem ik mijn vriend. Ik vind hem zó mooi! Elke keer als ik er langs loop, spreek ik hem even toe en geef hem een paar ‘schouderklopjes’.
Machtig toch, zo’n kruin!?
Het fluitekruid kan niet wachten – overal zie je kleinere en grotere pollen fris jong blad verschijnen!

We lopen op ons gemakje over het paadje langs de Kleimeer. Vrijdag was het hier nog aardig glibberig, vandaag is de meeste modder opgedroogd en is het pad prima te belopen – op een paar plekken na… De late namiddagzon werpt een warme gloed over het overjaarse riet… En als de zon verder zakt, wordt elke rietpluim een glinsterend diamantje als je tegen het licht in over de Kleimeer uitkijkt, richting Koedijk.

Ter hoogte van het huis verlaten we even de Kleimeer en gaan we kijken of we een ransuil kunnen spotten. In de hoge wilgen aan de rand van de Zomerdel zien we ze niet zitten, maar we treffen er wel een aan in het struikgewas… De foto is niet geweldig, maar toch de moeite waard om te tonen, vind ik.

De lente komt eraan…

… maar er zijn ook nog restanten van de herfst te vinden!

We keren terug. De zon zakt in rap tempo. We hadden gehoopt dat ze als een roodgloeiende bal achter de horizon zou verdwijnen, maar dat gebeurt niet. Boven de Noordzee hangt een redelijk dik wolkenpakket en daar verschuilt zonlief zich achter. Niet getreurd, het licht is evengoed mooi en sfeervol! Dag zon, tot morgen! Ik voel de kou uit de grond omhoog trekken en gulzig snuif ik de vochtige avondlucht op…

Over een maand… vangt de lente aan. Officieel dan. Want voor de Kelten begon de lente al rond deze tijd en ik voel me zeer verbonden met die Keltische seizoenskalender. Als je naar de plantenwereld kijkt, zie je dat er al aardig wat leven in begint te zitten. De katjes lopen uit, in de tuin laten krokussen, sneeuwklokjes, helleborus hun bloemen zien, op de middenbermen staan de narcissen in knop. Maar ook in de vogelwereld zit weer meer leven; tijdens de wandeling zie ik een meerkoetje bouwen aan zijn nest op het water. Met zijn zwemvliezen staat het de boel aan te stampen… zo leuk!

Geplaatst in Kleimeer, Natuur | Een reactie plaatsen

Lente!

Ik ben totaal niet origineel als ik schrijf dat het contrast met vorig weekend enorm is: echt winter was het toen, en vandaag laat de lente voor ’t eerst haar forsbollen zien! Voor de Nederlanders onder ons: forsbollen is Antwerps voor spierballen – geef toe, forsbollen klinkt goed, hé!

Dit gezegd zijnde, wij hebben onze blauwe bolide (wordt zijn bijnaam ‘ons smurfke’??) wederom geparkeerd aan de bosrand in Bergen aan Zee. De wind waait vrij stevig uit het zuiden, dus we beginnen aan het strand. Het is er een stuk drukker dan vorige week: zachter weer én krokusvakantie zijn daar wellicht mede debet aan. Het is een sport om foto’s zónder mensen erop te maken! Weinig hardlopers, valt me trouwens op… wel veel mountainbikers en enkele ruiters, maar vooral veel wandelaars.

We genieten weer van de houten ‘golfbrekers’ in de buurt van de Kerf… Ze staan er heel anders bij dan vorig weekend: het water staat nu veel hoger en er is geen ijs meer…

Deze keer lopen we niet de Kerf in, maar gaan we nog een stukje noordelijker, tot bij de strandopgang Schoorl aan Zee. Dit deel van het strand wordt beschermd door stenen golfbrekers. Ik vraag me af of deze kustverdediging verband houdt met de Hondsbossche Zeewering die iets noordelijker, bij Camperduin begint. Het materiaal waaruit deze golfbrekers zijn gemaakt is in elk geval hetzelfde als het materiaal dat werd gebruikt voor de oorspronkelijke Hondsbossche: bazaltblokken.

Voor we het strand verlaten, passeren we een paar strandpalen die door een kunstenaar zijn versierd… Eén is er getooid met een galg, deze vind ik leuker…

We lopen het duin in. Ik denk niet dat we hier al ooit hebben gewandeld… En mensen, wat is er hier veel volk op de been! Het zanderige duinpad is onderdeel van het Groot Frieslandpad, een LAW die begint in Bergen aan Zee (aan het Zeehuis) en helemaal tot Leer loopt, een charmant stadje in Ostfriesland, Duitsland. Om de haverklap komen we groepjes wandelaars tegen… We vermoeden dat die van Schoorl af komen wandelen, via de Berenkuil (coffee to go)… Het blijft een uitdaging om foto’s zónder mensen erop te maken! Thuis op de computer merk ik dat dat niet helemaal is gelukt – ik photoshop de mensen eruit. Dat geldt overigens niet voor de foto’s die in dit blog zijn gebruikt.

Er is in dit deel van de duinen de afgelopen jaren gewerkt: her en der is de bovenlaag weggehaald en zijn natte duinvalleien en duinmeertjes gecreëerd. De meeste wandelaars blijken inderdaad uit de richting van de Berenkuil te komen. Wij slaan rechtsaf, de andere kant op, en kruisen de Mariaweg (foto boven; ooit een fietspad). Over een oud, ongebruikt pad bereiken we ten slotte de Wilhelminaweg; zonder het te merken, zijn we áchter een elektrische afrastering beland en om verder te kunnen, moeten we over een hek klimmen.

Aan het einde van de Wilhelminaweg kruisen we het fietspad (van Duinvermaak naar Bergen aan Zee) en lopen we de Doodweg in. Opwekkende naam! Even verderop buigt de Doodweg naar links, wij gaan rechts een paadje in, dat parallel loopt aan een ruiterpad en aan de grens tussen de Schoorlse Duinen (Staatsbosbeheer) en het Noord-Hollands Duingebied (PWN).

We steken ‘de grens’ over en komen weer eens langs het koepeltje van Thabor. Bekend terrein dus… Achter het koepeltje nemen we het pad omhoog, even verderop gaan we linksaf en vanaf hier lopen we over het pad dat uitkomt op het fietspad, niet ver van Bergen aan Zee. De cirkel is weer rond…

Geplaatst in Duinen, Wandelen | Een reactie plaatsen

Waarden in het onderwijs

Hans Passenier is sinds 1983 werkzaam in het vrijeschoolonderwijs, zo wordt op de achterflap van het boek vermeld. Dat is dus bijna 40 jaar lang – een behoorlijke tijd! De afgelopen 10 jaar werkte hij als directeur/bestuurder/adviseur bij de BVS, de Begeleidingsdienst voor Vrijescholen. Hans Passenier schrijft dus wellicht met enig gezag over onderwijs, en meer bepaald over vrijeschoolonderwijs.

Ik heb Hans zelf meegemaakt toen ik een cursus volgde bij de BVS die door hem werd gegeven: Leidinggeven in een vrijeschool. Ik heb die cursus ervaren als een opfrissing van veel wat ik al wist. Hans werkte er met materiaal uit het werk van Martijn Vroemen: Team op vleugels – Gids voor geïnspireerd samenwerken en Handboek teamcoaching – Helpen zonder bemoeizucht, twee prachtige boeken over hoe het er in teams aan toegaat en hoe je teams kunt begeleiden. Ik miste tijdens die cursus een beetje het vrijeschoolse stuk – en daar was het me toen nou net om te doen!

Daarom was ik wel benieuwd naar Hans’ boek Waarden in het onderwijs – Ondersteuning van een lesontwerp. Hoe vrijeschools zou dat zijn!? Wel, ik ben aangenaam verrast, dit is voor iedereen die in het onderwijs werkt, een interessant boek waarin de achtergronden van het vrijeschoolonderwijs in onze tijd worden geplaatst. Denk aan kreten als ‘hoofd, hart en handen’ en ‘denken, voelen, willen’, die in elke les op een vrijeschool merkbaar zouden moeten zijn.

Het boek gaat uit van de drie domeinen van het onderwijs zoals die door Gert Biesta zijn geformuleerd in zijn boek Goed onderwijs en de cultuur van het meten: subjectwording, socialisatie en kwalificatie.

Subjectwording gaat over de ontwikkeling van het individu: gebruik maken van je vermogens, uitdrukking kunnen geven aan ambities, richting kunnen geven aan ontwikkeling. Socialisatie gaat over het aanpassingsvermogen: om leren gaan met anderen, een bijdrage leveren aan de maatschappij en besef hebben van normen en waarden. Kwalificatie (waar we het in het onderwijs m.i. veel te veel over hebben…) gaat over de kennis en kunde die getoetst kan worden en tegen bepaalde normen wordt afgezet.

Vervolgens gaat Hans Passenier in op het verschil tussen waarden (meer onbewust) en uitgangspunten (meer bewust) en dat werkt hij verder uit aan de hand van het waardensysteem dat wordt toegeschreven aan Clare W. Graves (1914-1986), een Amerikaanse psycholoog. Niet het makkelijkst leesbare deel van het boek, maar wel boeiend! Hij waagt het in te gaan tegen Valentin Wember, binnen de vrijeschoolwereld een hooggeacht leraar en denker. “Uitgangspunten kunnen knellend worden als de praktijk verandert en het daardoor niet meer mogelijk is om eraan te voldoen,” schrijft hij. Volgens mij raakt Hans Passenier hier een pijnpunt. Ik geef hem gelijk. En ik zie gelukkig in den lande (nieuwe) vrijescholen meer vanuit waarden dan vanuit uitgangspunten werken waardoor ze (meer) aansluiten bij de tijd waarin wij leven… een goede ontwikkeling!

Vanaf hier kom je steeds meer te weten over de waarden van waaruit het vrijeschoolonderwijs werkt. Het mensbeeld zoals dat vanuit de antroposofie wordt geschetst, speelt hier een grote rol. Het domein subjectwording en sociale domein worden grondig besproken, maar ook het domein kwalificatie komt aan bod, zij het veel minder uitgebreid. Niet verwonderlijk, de vrijeschool staat voor de ontwikkeling van kinderen tot vrij(denkend)e mensen en kritische burgers, en streeft juist niet na kinderen te kneden tot brave, gehoorzame lui die netjes passen in het economische format van de tijd waarin we leven…

Noodgedwongen neem ik na bijna 4 jaar afscheid van de vrijeschool. Hans Passenier maakt mij opnieuw duidelijk waar het vrijeschoolonderwijs voor staat en dat verklaart waarom ik me er zo thuis voel. Een mooi onderwijsboek dat niet alleen in de boekenkast van vrijeschoolleraren thuishoort.

Geplaatst in Onderwijs en leren | Een reactie plaatsen