Na onze heerlijke Schotse vakantie en een gaaf verlengd weekend in de Ardennen, en dus vele wandelingen in de benen, is het nu zaak om de wandelconditie vast te houden… De weg naar de hel is geplaveid met goede voornemens, maar ik zet in elk geval vanavond een goed voornemen om in daden. Iets na zevenen – de zon verdwijnt al bijna achter de dikke laag mist die boven zee hangt – stap ik de deur uit en loop door ons parkje naar de Kanaaldijk. De Gouden Engel staat in de vreugdestand: de molenaar en zijn vrouw zijn grootouder geworden!
Langs het Noordhollandsch Kanaal lopen we naar de ‘nieuwe’ vlotbrug ter hoogte van de Landman (de noordelijke grens van Alkmaar): de Rekervlotbrug, genoemd naar de Rekerpolder aan de overkant van het kanaal en/of naar het riviertje de Rekere dat ooit stroomde waar nu het kanaal ligt. Vanaf de brug heb je een mooie terugblik op een schilderachtig stukje Koedijk.
Aan de overkant van het water daal je met het fietspad ‘onder water’ en ga je onder twee bruggen door: op de ene brug raast het verkeer over de N9, de tweede brug draagt het verkeer dat over de parallelweg rijdt. Vervolgens gaat het fietspad omhoog en krijg je uitzicht over de polders, richting de duinen. Er is een mooie halo te zien!
Het fietspad loopt onderaan een laag dijkje naast een sloot die uitmondt in het kanaal. Jammer genoeg wordt er op het dijkje geen wandelpad vrijgehouden. Het gras staat behoorlijk hoog en ik loop dan maar over het asfalt. Bij een boerderij met het zo markante dak van een Noord-Hollandse stolpboerderij die achter een paar hoge bomen verstopt zit, maakt het fietspad een bocht en komt even verderop uit op een dijk: links heet die de Oosterdijk, rechts de Baakmeerdijk.
Ik ga rechtsaf, de Baakmeerdijk op. De weg slingert door de polder, naast een sloot. Ik kom langs – wat mij betreft – een van de mooiste boerderijen uit de omgeving (nu een goed onderhouden woonhuis): Het Baken. Even verderop passeer ik de Berger Melksalon (waar een melktap is en waar je allerlei zuivelproducten kunt kopen) en ga ik linksaf, een veldweg in.
Ik loop nu de Zuurvenspolder in waarover ik al eerder schreef. De zon is nu echt aan het wegzakken achter de mistwolken boven zee… Het is stil, daar in de Zuurvenspolder, je hoort alleen het geloei van een koe, het gekwaak van een eend, in de verte het gebrom van een tractor.
Als je over het asfalt loopt, voel je de warmte omhoog komen, maar hier in de polder ademt de aarde koele vochtigheid uit. Muggen vinden het hier erg fijn en als je even stilstaat om een foto te maken, landen ze enthousiast op armen en benen om hun vampierenarbeid te doen… Ik dood niet graag insecten, maar met muggen heb ik geen compassie! Pats! Pats! Pats!
Midden in de polder is een stuk land afgezet. Er graast een kudde schapen.
Het pad komt uiteindelijk uit op de Oosterdijk, ik ga rechtsaf. In een bocht van de weg stond altijd een schattig boerenhuisje… maar nu niet meer! Ik wist dat het te koop stond, en het is inderdaad verkocht. En vervolgens gesloopt! Er staat nu een wanstaltig huis, ontworpen door een fantasieloze architect, een bouwsel dat niet zou misstaan in een Vlaamse villawijk. Ik word hier zo verdrietig van…
Ik loop de Oosterdijk af en via de Kogendijk kom ik weer bij het Noordhollandsch Kanaal dat ik nu oversteek via de Koedijker Vlotbrug. De uitvinder van de vlotbrug is Jan Blanken. Hij ontwierp het systeem voor het door hem aangelegde Noordhollandsch Kanaal, dat in 1824 gereed kwam. De Koedijker Vlotbrug is nog een oorspronkelijke vlotbrug, in tegenstelling tot de Rekervlotbrug die uit 2011 dateert. Het is al aardig donker als ik de voordeur open maak…













Lekkere tippel!