De fundamenten

Ramsey Nasr was de tweede Stadsdichter van Antwerpen (2005) en was van 2009-2012 vier jaar Dichter des Vaderlands in Nederland. Uit die tweede periode ken ik hem. Niet persoonlijk natuurlijk, maar hij kwam toen met enige regelmaat op de televisie (o.a. in De Wereld Draait Door).

De coronacrisis was voor hem de aanleiding om drie essays te schrijven over de balans van een land in coronatijd… De eerste twee zijn vrij kort, het derde beslaat het leeuwendeel van het boekje waarin de essays zijn uitgegeven. Het derde vind ik ook het meest boeiende…

Uit De fundamenten kunt je zonder schroom opmaken dat Nasr bepaald geen bewonderaar is van de prestaties van Mark Rutte. Onze premier is een zelfbenoemd ‘antivisionalist’: zijn uitspraak dat “visie als een olifant is die het zicht belemmert”, achtervolgt hem al jaren – en nog steeds, ook als betuigde hij er in december 2020 spijt van die woorden gebezigd te hebben. “Dat had ik niet moeten doen,” sprak hij toen deemoedig… Ter verdediging voegde hij eraan toe: “Ik wil voorkomen dat ik zo bezig ben met wat ik wil dat ik niet meer kan samenwerken met een ander. Je moet altijd in staat zijn iets te relativeren van je eigen standpunten en te zoeken naar compromissen.” Ik geloof Mark Rutte niet, er is teveel waarvan hij vindt dat ‘hij het niet had moeten doen’ en intussen blijft hij rustig voortdoen.

Voor Nasr is Rutte slechts een onderdeel van een probleem: onze premier vertegenwoordigt met de VVD (en zijn kompanen uit o.a. het CDA) teveel het neoliberalisme dat de échte oorzaak is van de grote problemen waarmee de wereld te kampen heeft. Het adagio van ‘eeuwige groei’ dat door de neoliberalen wordt gepredikt, is onmogelijk vol te houden en dus misdadig.

Ramsey Nasr geeft in scherpe bewoordingen zijn mening, die hij stut met analyses en feiten, en waarbij hij eigen observaties en ervaringen inbrengt. Wat mij betreft neemt ten minste elke inwoner van Nederland – en zeker zij die stemrecht hebben – kennis van De fundamenten! Ik ben het grotendeels met Nasr eens…

(lees verder onder de afbeelding)

Capability approach

Nasr haalt het interessante en intrigerende begrip capabiliteiten aan dat is gesmeed door econoom Amartya Sen en filosofe Martha Nussbaum. In het Engels heet dat capability approach. Ik had er nog nooit over gehoord, maar het is beslist boeiende materie! Het doel van de capability approach is om bij het bepalen van sociaal en politiek beleid de kwaliteit van het leven als uitgangspunt te nemen, en niet economische parameters als productie-, groei- en winstcijfers.

“Nobelprijswinnaar Amartya Sen (The idea of justice, 2009) levert al tientallen jaren fundamentele kritiek op de eenzijdige economische benadering van ontwikkeling waarin elke maatschappelijke tendens wordt gereduceerd tot een rekensom. Economische ontwikkeling is volgens Sen alleen van belang wanneer het burgers de vrijheid geeft om de dingen te doen die ze graag doen. Een goed draaiende economie heeft als doel om burgers een goed leven te laten leiden. Dat kan door te zorgen voor goed onderwijs en een toegankelijke gezondheidszorg. Economie is volgens Sen geen doel op zich maar een middel voor menselijk welbevinden.”

“Nussbaum bakent tien ‘universele capabilities’ af die naargelang de lokale context nader ingevuld kunnen worden. Volgens haar staat het vervullen van deze capabilities garant voor het leiden van een goed leven.

Leven: in staat zijn om een leven te leiden volgens een normale levensduur.
Lichamelijke gezondheid: in staat zijn tot een gezond leven, voortplanting, voedsel, onderdak.
Lichamelijke onschendbaarheid: in staat zijn om zich te bewegen zonder bedreiging van geweld, inclusief vrijwaring van seksueel en huiselijk geweld.
Verbeeldingskracht en denken: in staat zijn om de zintuigen te gebruiken, te fantaseren, te denken en te redeneren: denk aan vrijheid in religie, literatuur, muziek, wetenschap.
Gevoelens: in staat zijn om je te hechten aan dingen en mensen buiten zichzelf, liefhebben, rouwen, verdriet, beminnen, woede.
Praktische rede: in staat zijn om ideeën te vormen over het goede en hoe ik mijn leven daarop kan inrichten, denk aan gewetensvrijheid en vrijheid van godsdienstoefening.
Sociale banden: in staat zijn om met en voor anderen te leven: aangaan van sociale banden, deel uitmaken van een gemeenschap, zelfrespect en eigenwaarde, anti-discriminatie op grond van geslacht, etniciteit, seksualiteit, kaste, religie, nationaliteit.
Andere biologische soorten: in staat zijn om te leven met dieren, planten, de natuur.
Spelen: in staat om te lachen, spelen en recreëren.
Vormgeving van eigen omgeving: in staat tot politieke, materiële en arbeidsparticipatie.”

Bron: Sociaal Net.

Dit bericht werd geplaatst in Lezen, Persoonlijk. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s